Rich page
NATUS – Medisch-psychosociale begeleiding in de perinatale periode
Preventie en medisch-psychosociale begeleiding rond de geboorte Voor wie is NATUS bedoeld?NATUS richt zich voornamelijk tot toekomstige mama’s en mama’s die in het Erasme Ziekenhuis worden opgevolgd.De begeleiding kan starten vanaf de kinderwens, onder meer in het kader van een traject voor medisch begeleide voortplanting, en kan worden voortgezet tijdens de zwangerschap en na de geboorte van het kind.De begeleiding kan worden opgestart op vraag van de patiënte of haar gezin, of op voorstel van een zorgverlener wanneer tijdens de zwangerschap of rond de geboorte een kwetsbare situatie wordt vastgesteld.Welke begeleiding biedt NATUS?Elke situatie is anders. Daarom biedt het NATUS-team begeleiding op maat van de behoeften van de mama, de baby en het gezin.Deze begeleiding kan bestaan uit:een evaluatie van de medische, psychologische en sociale situatie;ondersteuning tijdens de zwangerschap en na de geboorte;kortdurende opvolging aangepast aan de perinatale periode;bijzondere aandacht voor de band tussen ouder en baby;doorverwijzing naar gespecialiseerde zorgverleners of diensten wanneer aanvullende of langdurige begeleiding nodig is.Wanneer de situatie dit vereist, kan ook een opname in een psychiatrische afdeling worden overwogen.Daarnaast zijn er ‘Nurture and Play’-groepen in ontwikkeling, die tot doel hebben de band tussen ouder en baby te ondersteunen.Een multidisciplinair teamNATUS brengt zorgverleners uit verschillende disciplines samen die nauw samenwerken om een gecoördineerde begeleiding te verzekeren:Kinderpsychiaters en psychiatersChloé Leemans, Laurence WeetsGynaecologen-verloskundigenClotilde Lamy, Siham ZaytouniKinderartsAdrien GuillaumePsychologenJulie Venegoni, Maelle Hector, Aline CuvellierMaatschappelijk werkersLaurence Bonkain, Barbara GiannetoVroedvrouwenCharlotte Delvigne, Marta VaqueroReferentiepersoonPauline EondesHet team komt wekelijks samen en overlegt regelmatig om de continuïteit en coördinatie van de begeleiding te verzekeren.Samenwerking binnen een zorgnetwerkNATUS werkt nauw samen met de verschillende teams van het H.U.B. die betrokken zijn bij de zwangerschap, de geboorte en de zorg voor jonge kinderen.Na de geboorte werkt het team onder meer samen met de Ouder-Babyeenheid op de site Laken, de APPI-eenheden en de dageenheden voor jonge kinderen, evenals met de zorgprofessionals van het Kinderziekenhuis (HUDERF) die gespecialiseerd zijn in de begeleiding van jonge kinderen.Wanneer de situatie dit vereist, kan ook worden doorverwezen naar SOS Enfants of naar de diensten voor jeugdhulp en jeugdbescherming (SAJ/SPJ).ContactNATUS – Erasme ZiekenhuisTel.: 02 555 49 44E-mail: natus [dot] perinat [dot] erasme [at] hubruxelles [dot] be (natus[dot]perinat[dot]erasme[at]hubruxelles[dot]be)
Article
Bronchiolitis: hoe beschermt u uw baby deze winter tegen RSV?
Nu de winter voor de deur staat, organiseren het Kinderziekenhuis en het Erasme Ziekenhuis een nieuwe immunisatiecampagne tegen RSV. Eén injectie beschermt uw baby gedurende de hele periode waarin het virus het meest circuleert. Waarom baby's vóór de winter beschermen tegen RSV?Het respiratoir syncytieel virus (RSV) is de belangrijkste oorzaak van bronchiolitis bij baby's. Het virus circuleert vooral tijdens de herfst- en wintermaanden en is erg besmettelijk. Het wordt onder meer verspreid via hoesten en niezen, maar ook via handen of besmette voorwerpen.Bij de meeste kinderen verloopt de infectie zonder ernstige complicaties. Bij jonge baby's kan RSV echter ademhalings- of voedingsproblemen veroorzaken en soms leiden tot een ziekenhuisopname.Het doel van de campagne is dan ook eenvoudig: baby's beschermen vóór ze tijdens de winter met het virus in contact komen. UKZKF     ERASME ZIEKENHUISKomt mijn baby in aanmerking voor de campagne 2026?Dat hangt vooral af van de geboortedatum en, in bepaalde gevallen, van eventuele risicofactoren.Is uw baby geboren tussen 16 maart en 30 september 2026?Dan komt uw baby in aanmerking voor de immunisatiecampagne die van 1 september tot en met 31 oktober 2026 wordt georganiseerd in Het Kinderziekenhuis en het Erasme Ziekenhuis.Is uw kind geboren vóór 16 maart 2026?Ook sommige kinderen met risicofactoren kunnen in aanmerking komen, afhankelijk van onder meer hun leeftijd, prematuriteit of bepaalde chronische aandoeningen. Bespreek dit met uw kinderarts. Die kan nagaan of uw kind in aanmerking komt voor immunisatie.Wordt uw baby tijdens het RSV-seizoen geboren?Dan hoeft u niet te wachten op een inhaalcampagne. Als immunisatie aangewezen is, kan die meteen na de geboorte worden toegediend, bij voorkeur op de materniteit.Hoe kan één injectie mijn baby beschermen?Nirsevimab is geen vaccin, maar een monoklonaal antilichaam. In plaats van het afweersysteem van de baby zelf antistoffen te laten aanmaken, krijgt de baby rechtstreeks antistoffen toegediend die het RSV kunnen neutraliseren.De bescherming treedt daardoor snel na de injectie op.Eén intramusculaire injectie biedt minstens vijf maanden bescherming en helpt zo de periode te overbruggen waarin RSV het meest circuleert.Immunisatie vermindert aanzienlijk het risico op een ernstige RSV-infectie en op een ziekenhuisopname als gevolg van RSV.Vaccinatie tijdens de zwangerschap of immunisatie van de baby: wat is het verschil?Er zijn twee manieren om een pasgeboren baby tegen RSV te beschermen.Een eerste mogelijkheid is vaccinatie van de moeder tijdens de zwangerschap. De moeder maakt hierdoor antistoffen tegen RSV aan en geeft die via de placenta door aan haar baby. Zo is de baby vanaf de geboorte al beschermd.Een tweede mogelijkheid is immunisatie van de baby met een monoklonaal antilichaam. Hierbij krijgt de baby rechtstreeks antistoffen toegediend die bescherming bieden tegen RSV.Beide methoden hebben dus hetzelfde doel, maar werken op een andere manier: in het ene geval krijgt de baby antistoffen van de moeder, in het andere geval worden de antistoffen rechtstreeks aan de baby toegediend.In principe volstaat één van beide strategieën.Wanneer en waar kan mijn baby geïmmuniseerd worden?De inhaalcampagne loopt van 1 september tot en met 31 oktober 2026 tijdens de specifieke pediatrische raadplegingen in Het Kinderziekenhuis en het Erasme Ziekenhuis.De afspraak duurt maar kort en zorgt ervoor dat uw baby de injectie krijgt vóór de periode waarin RSV het sterkst circuleert.Hoe maak ik een afspraak?Het Kinderziekenhuis: 02 477 31 20Erasme Ziekenhuis: 02 555 55 55
Article
Wervelkolomchirurgie: een nieuw tijdperk bij het H.U.B met biportale endoscopische chirurgie
Het Academisch Ziekenhuis Brussel (H.U.B) heeft als allereerste ziekenhuis in België de nodige apparatuur aangekocht voor biportale endoscopische chirurgie. Het Academisch Ziekenhuis Brussel (H.U.B) heeft als allereerste ziekenhuis in België de nodige apparatuur aangekocht voor biportale endoscopische chirurgie. De aankoop vervolledigt de expertise die de dienst neurochirurgie de afgelopen jaren heeft opgebouwd op het gebied van minimaal invasieve wervelkolomchirurgie en maakt van het H.U.B een toonaangevend centrum in België.Twee openingen voor dezelfde technische vrijheid als bij klassieke chirurgieBij endoscopische chirurgie wordt een camera ingebracht ter hoogte van de relevante zone om de anatomische structuren nauwkeurig in beeld te brengen en de incisie zo klein mogelijk te houden. Bij de monoportale benadering worden de camera en de chirurgische instrumenten via één opening ingebracht. Dankzij die techniek kunnen bepaalde ingrepen worden uitgevoerd via een zeer beperkte opening, maar ze kan ook de technische mogelijkheden van de chirurg beperken. Bij de biportale benadering worden daarentegen twee afzonderlijke, kleine openingen gebruikt: de ene voor de camera en de visualisering, de andere voor de chirurgische instrumenten. Op die manier heeft de chirurg meer bewegingsvrijheid en kan hij of zij instrumenten gebruiken die vergelijkbaar zijn met die bij klassieke wervelkolomchirurgie, terwijl de voordelen van een endoscopische benadering behouden blijven.“Voor de chirurg is de aanpak bijzonder intuïtief. We kunnen soms zeer diep gelegen of moeilijk bereikbare structuren nauwkeurig opereren zonder dat we een grote opening moeten maken puur om de zone te bereiken”, aldus dr. Alphonse Lubansu, neurochirurg en directeur van de Rugkliniek in het Erasme Ziekenhuis.Een techniek geschikt voor allerlei indicatiesBij het H.U.B wordt biportale endoscopische chirurgie mogelijk bij steeds meer indicaties, met name hernia’s, vernauwing van het lendenwervelkanaal, stabilisatie- en artrodese-ingrepen, drainage van bepaalde infecties en wervelbiopsieën. Op termijn zal de endoscopische aanpak ook kunnen worden gebruikt voor complexere wervelkolomfusies, zoals nu al het geval is in bepaalde gespecialiseerde centra in Azië en de Verenigde Staten.“Endoscopie is waarschijnlijk een van de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van minimaal invasieve chirurgie aan de wervelkolom. Dankzij de biportale techniek kunnen we steeds complexere ingrepen uitvoeren via zeer beperkte openingen. Dit is een technologische ontwikkeling die ons chirurgisch arsenaal en ons zorgaanbod geleidelijk zal uitbreiden", benadrukt prof. Olivier de Witte, directeur van de dienst Neurochirurgie van het H.U.B.Een sneller herstel voor de patiëntenEen van de beoogde voordelen van endoscopie is het verminderen van spier- en weefseltrauma veroorzaakt door de operatie. Dat kan leiden tot minder zware postoperatieve gevolgen, een vroegere mobilisatie en een korter ziekenhuisverblijf (van 3 dagen naar 1,5 dag). Op termijn zullen de behandelingen zelfs in het dagziekenhuis kunnen worden uitgevoerd. Die evolutie is ook belangrijk voor het zorgtraject: het doel is de patiënt in staat te stellen sneller zijn zelfstandigheid terug te winnen en sneller terug te keren naar zijn familiale, professionele of sportieve omgeving, zonder extra kosten.Met de aankoop van deze nieuwe apparatuur wil het H.U.B zijn expertise op het gebied van neurochirurgie verder uitbouwen en bijdragen aan de opmars van endoscopische wervelkolomchirurgie in België, met de ambitie om een referentiecentrum te worden voor opleiding, ontwikkeling en patiëntenzorg via deze innovatieve aanpak. Neem contact op met onze dienst Neurochirurgie
Article
Een belangrijke bijdrage van het H.U.B aan de nieuwe Europese aanbevelingen voor de behandeling van galwegstricturen
De nieuwe aanbevelingen van de European Society of Gastrointestinal Endoscopy (ESGE) over de behandeling van galwegstricturen zijn onlangs gepubliceerd in het tijdschrift Endoscopy. Deze publicatie vormt een belangrijke stap voor de praktijk van de digestieve endoscopie in Europa. Ze bevat aanbevelingen op basis van de beschikbare wetenschappelijke gegevens om de behandeling van goedaardige en kwaadaardige galwegstricturen te begeleiden, onder meer met behulp van endoscopische retrograde cholangiopancreatografie (ERCP) en therapeutische endoscopische echografie (EUS).De expertise van het H.U.B centraal in deze aanbevelingenHet H.U.B is sterk vertegenwoordigd in dit werk: Prof. Arnaud Lemmers, directeur van deKliniek voor Digestieve Endoscopie, is eerste auteur en coördineerde persoonlijk de ontwikkeling van deze richtlijnen samen met een panel van internationale experts. Ook Prof. Sara Teles de Campos, Gastro-enterologie, gespecialiseerd in therapeutische endoscopie, en Prof. Marianna Arvanitakis, eveneens gespecialiseerd in therapeutische endoscopie en directeur van de Kliniek voor Pancreatologie en Voedingsondersteuning, behoren tot de coauteurs.De ontwikkeling van deze aanbevelingen, in 2025 in opdracht van de ESGE, bracht verschillende expertengroepen samen en omvatte een systematische analyse van de wetenschappelijke literatuur volgens de GRADE-methodologie. Het document actualiseert onder meer de eerdere aanbevelingen over galwegstenting en houdt rekening met de recente ontwikkelingen op het vlak van endoscopische technieken en therapeutische endoscopische echografie.Aanbevelingen die de komende jaren als referentie zullen dienenTot de belangrijke ontwikkelingen behoren onder meer de verduidelijking van de plaats van de verschillende soorten stents bij goedaardige en kwaadaardige stricturen, de drainage-strategie afhankelijk van de locatie van de strictuur en de anatomie van de patiënt, en de plaats van endoscopische echografie wanneer ERCP niet succesvol is of niet kan worden uitgevoerd.Deze aanbevelingen vormen voortaan een Europese referentie voor specialisten die betrokken zijn bij de endoscopische behandeling van galwegpathologieën en zullen bijdragen tot een harmonisering van de praktijk, gebaseerd op wetenschappelijke evidentie en aangepast aan elke klinische situatie.Proficiat aan Prof. Arnaud Lemmers, Prof. Sara Teles de Campos en Prof. Marianna Arvanitakis, evenals aan alle internationale experts, met dit belangrijke werk dat bijdraagt aan de wetenschappelijke uitstraling van het H.U.B en aan de verdere ontwikkeling van de digestieve endoscopie! Raadpleeg de nieuwe ESGE-richtlijnen
Article
Découvrez la Saison 2 du Podcast HÔP'Voices !
Rendez-vous sur nos plateformes d'écoute pour découvrir de nouveaux témoignages de patients, les métiers de l'hôpital, mais aussi les innovations qui dessinent aujourd'hui la médecine de demain ! Ontdek seizoen 2 van de podcast HÔP'Voices! Ga naar onze luisterplatformen en ontdek nieuwe getuigenissen van patiënten, de verschillende beroepen binnen het ziekenhuis, maar ook de innovaties die vandaag de geneeskunde van morgen vormgeven!Achter elke aflevering van dit nieuwe seizoen staan 3 gezichten: Frédérique, Marine en Pauline. We gaan op pad en ontmoeten de mensen die het H.U.B elke dag mee vormgeven. Jullie vertrouwden ons jullie verhalen toe… jullie emoties… jullie stemmen.Op het programma van dit nieuwe seizoen: aangrijpende getuigenissen, inspirerende levensverhalen, innovaties die de geneeskunde vooruithelpen en ziekenhuisberoepen die soms nog te weinig bekend zijn.Ons doel? Jullie meenemen naar het hart van het H.U.B, via de mensen die er elke dag mee vorm aan geven.Luister nu naar de allereerste aflevering van seizoen 2 van HÔP'VOICES!Beluister de podcast op Spotify, Deezer en YouTube (@hopitaluniversitairebruxelles).(Alle afleveringen zijn in het Frans.) Image
Article
De Familieboom: een plek om niet langer alleen te staan bij perinataal verlies
Op 15 oktober huldigt het ErasmeZiekenhuis zijn Familieboom in ter gelegenheid van de Werelddag voor Perinataal Verlies. Dr. Caroline De Coninck, gynaecologe en initiatiefneemster van het project, vertelt ons het volledige verhaal achter dit initiatief voor gezinnen die met perinataal rouwverlies worden geconfronteerd. Wanneer een zwangerschap wordt afgebroken, ongeacht in welke fase, worden ouders geconfronteerd met een realiteit die vaak moeilijk te benoemen is: perinataal verlies. Binnen de Kliniek voor Foetale Geneeskunde van de dienst Gynaecologie-Verloskunde van het ErasmeZiekenhuis (H.U.B) begeleiden zorgverleners regelmatig koppels die geconfronteerd worden met een zwangerschap die niet evolueert, een medische zwangerschapsafbreking of het verlies van hun baby. Verschillende situaties, unieke verhalen, maar steeds dezelfde vraag. « Zijn wij de enigen die dit meemaken? ». Die vraag heeft de zorgverleners jarenlang beziggehouden. Ze ligt ook aan de oorsprong van de Familieboom, een plaats voor bezinning die openstaat voor alle gezinnen die met perinataal verlies worden geconfronteerd, ongeacht of ze al dan niet in het H.U.B worden opgevolgd. Het initiatief werd bedacht door de teams om rouwende gezinnen de mogelijkheid te bieden een plaats te geven aan wat ze hebben meegemaakt en zich misschien iets minder alleen te voelen. « We weten dat ze met velen zijn, maar we zien hen niet » Voor dr. Caroline De Coninck, gynaecologe in de Kliniek voor Foetale Geneeskunde, ontstond het idee voor het project uit situaties die zich in de dagelijkse zorg voordoen. Ze herinnert zich in het bijzonder een koppel dat na een traject van medisch begeleide voortplanting hun eerste kind verwachtte. Een zwangerschap waarin ze bijzonder veel hadden geïnvesteerd, na lang wachten. In het tweede trimester werd bij de baby een hersenafwijking vastgesteld. Er begon een regelmatige begeleiding, elke week opnieuw, om uitleg te geven, te luisteren, vragen te beantwoorden en de ouders te helpen een uiterst moeilijke beslissing te nemen. « We zien koppels die volledig radeloos zijn door het verdriet en de omvang van wat ze meemaken. En vaak vragen ze zich af of ze de enigen zijn. », legt dr. De Coninck uit. Toch weten professionals dat dit helemaal niet zo is. Perinataal verlies blijft echter een onderwerp waarover weinig wordt gesproken. Na het verlies van een baby kunnen ouders het gevoel hebben dat ze alleen achterblijven met hun pijn. Hun omgeving weet niet altijd wat te zeggen. Sommigen durven het onderwerp niet meer aan te snijden, uit angst het verdriet opnieuw op te rakelen of eenvoudigweg omdat ze niet weten hoe ze de juiste woorden moeten vinden. « Het is zo’n taboeonderwerp dat mensen zich kunnen isoleren. We durven niet meer met hen te praten over wat er is gebeurd. En ook zijzelf kunnen moeite hebben om erover te praten. », beschrijft dr. De Coninck. Net die eenzaamheid wilde het team helpen doorbreken. Een boom die verhalen met elkaar verbindt Het idee van een boom diende zich al snel aan. Zijn wortels, zijn verbondenheid met de aarde, zijn takken die naar de hemel reiken: iedereen kan er zijn eigen symboliek in vinden, zonder dat die verbonden is aan een religie of aan een bepaalde manier om met rouw om te gaan. Het project rijpte bijna twee jaar lang. Gynaecologen, vroedvrouwen, psychologen, sociaal werkers, professionals uit de foetale geneeskunde en teams van de verloskamer dachten samen na over hoe deze plaats eruit zou kunnen zien. Een echte boom? Een beeldhouwwerk? Welk materiaal? Waar zou het komen? Hoe kon ervoor worden gezorgd dat het gezinnen langdurig zou kunnen verwelkomen? Uiteindelijk werd gekozen voor een metalen beeldhouwwerk, geplaatst in een groene en rustige omgeving in de buurt van het ziekenhuis. Achter die schijnbare eenvoud ging echter een traject met talrijke stappen schuil: het zoeken naar administratieve contactpersonen en een beeldhouwer, overleg met de teams op het terrein, de keuze van het beeldhouwwerk (ontwerp, afmetingen), administratieve procedures met toestemming van de Groene Ruimten en het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning van het Gewest en, uiteindelijk, een overeenkomst tussen het H.U.B, eigenaar van de Boom, en de Groene Ruimten, die verantwoordelijk zijn voor het openbare park Vogelenzang, om het onderhoud, de veiligheid en de duurzaamheid van de plaats te verzekeren. De teams van de Groene Ruimten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest steunden het project snel. De gekozen plek, weg van de drukte van het ziekenhuis, bleek een geschikte omgeving voor bezinning. « We wilden echt dat deze plaats zou blijven bestaan. Dat ze er ook over enkele jaren nog zou zijn, ongeacht de moeilijkheden die zich zouden kunnen voordoen. », benadrukt dr. De Coninck. Tegelijkertijd werd samen met de teams verder nagedacht over de linten waarmee gezinnen een spoor op de boom kunnen achterlaten. Want tijd neemt een bijzondere plaats in binnen rouw. Het lint vergaat na verloop van tijd. Ook die evolutie kan symbolisch worden: het lint verandert met de tijd, net zoals de rouw verandert: de vorm wijzigt, maar het verhaal dat het vertegenwoordigt blijft bestaan. Er bestaat geen « kleine rouw » Een zwangerschap kan in het eerste trimester eindigen. Een afwijking kan pas enkele maanden later worden ontdekt. Er kan worden beslist tot een medische zwangerschapsafbreking. Een baby kan rond de geboorte worden verloren. De omstandigheden verschillen. Maar pijn wordt niet afgemeten aan het aantal weken zwangerschap. « Wanneer je een zwangerschap verwacht, erin hebt geïnvesteerd en alles plots stopt, blijft dat een rouwproces. Ook een niet-evolutieve zwangerschap in het eerste trimester is een verlies. », herinnert dr. De Coninck eraan. Voor zorgverleners is deze erkenning essentieel. Want na het verlies houdt het traject niet noodzakelijk op bij de terugkeer naar huis. Soms moet men verder leven met vragen, herinneringen, een afwezigheid en een plaats die plots leeg is geworden. Het team stelt ook vast in welke mate rouw sociaal kan isoleren. Familie en vrienden weten niet altijd hoe ze erover moeten praten. Sommige ouders kunnen dan het gevoel krijgen dat hun baby ook uit de taal van anderen verdwijnt.  De Familieboom wil een plaats bieden waar men eenvoudigweg kan terugkomen. Zonder afspraak. Zonder te moeten uitleggen wat men voelt. Een lint komen ophangen. Even gaan zitten. Aan de baby denken. Zich bezinnen. Een plaats voor alle gezinnen, ongeacht hun verhaal De boom wil gezinnen niet samenbrengen rond één enkele manier om met rouw om te gaan. Integendeel. Elk lint zal een ander verhaal vertellen. De leeftijd van de ouders speelt geen rol. Evenmin als de zwangerschapsduur. Gezinstrajecten, overtuigingen, cultuur of de manier waarop emoties worden geuit, kunnen sterk verschillen.  Sommige mensen zullen behoefte hebben aan een gesprek. Anderen niet. Sommige ouders vinden troost in een praatgroep. Voor anderen is die stap te intiem. Ook de taalbarrière, persoonlijkheid, overtuigingen of angst om beoordeeld te worden, kunnen bepaalde vormen van begeleiding moeilijk maken. De boom biedt een andere mogelijkheid: een eenvoudig gebaar dat voor iedereen en op elk moment toegankelijk is. « Men kan gewoon zijn lint komen ophangen en zien dat andere gezinnen iets gelijkaardigs hebben meegemaakt, ook al is elk verhaal anders », voegt dr. De Coninck eraan toe. Deze dimensie is bijzonder belangrijk voor vaders en co-ouders. Binnen een koppel kan ieder op een andere manier rouwen. Sommigen tonen in het begin meer hun emoties, terwijl anderen die pas later uiten. « Het tijdsverloop van de rouw kan verschillen, zelfs binnen een koppel », verduidelijkt dr. De Coninck. Vandaag zorg dragen, maar ook aan later denken Voor de teams van Gynaecologie-Verloskunde vraagt de begeleiding van perinataal verlies bijzondere aandacht. De moeilijkheid schuilt ook in het scherpe contrast tussen wat de zwangerschap aanvankelijk betekende en wat ze plots wordt. Een gebeurtenis die gelukkig had moeten zijn, kan in enkele uren een van de pijnlijkste momenten uit het leven van een koppel worden. « Het is een zeer moeilijke situatie om te begeleiden. En alle teamleden willen deze gezinnen echt goed begeleiden », vertelt dr. De Coninck. Geen enkele professional kan alleen aan alle behoeften van een rouwend gezin tegemoetkomen. Gynaecologen, vroedvrouwen, psychologen, psychiaters voor volwassenen en kinder- en jeugdpsychiaters, sociaal werkers: ieder draagt vanuit zijn expertise bij, op verschillende momenten in het traject. En de begeleiding moet ook na het acute moment worden voortgezet. « We moeten ook aan later denken. Niet alleen aan wat er in het ziekenhuis gebeurt », benadrukt dr. De Coninck. De samenwerking met gespecialiseerde verenigingen maakt het onder meer mogelijk om het contact met gezinnen te behouden en hun andere hulpmiddelen aan te bieden wanneer ze het ziekenhuis verlaten. Die continuïteit is essentieel: rouw stopt niet wanneer de medische zorg eindigt. Een plaats geven aan rouw, zodat erover kan worden gesproken De Familieboom is dus veel meer dan een beeldhouwwerk in een park. Hij is ontstaan uit situaties waarmee zorgverleners dagelijks worden geconfronteerd. Uit gesprekken met gezinnen. Uit de wil om een realiteit te erkennen die nog te vaak stil blijft.  « Ik hoop dat deze boom lang zal blijven bestaan en kan helpen om perinataal verlies bespreekbaar te maken. Dat gezinnen zich minder alleen voelen en dat dit onderwerp minder taboe wordt », besluit dr. De Coninck.  Inhuldiging: informatie en inschrijving Dr. Caroline De Coninck Gynaecoloog die het initiatief nam voor het project van de Stamboom van de Families. Image
Article
Twee nieuwe hulpmiddelen om cognitieve stoornissen beter te begrijpen
Ter gelegenheid van de Wereld Alzheimerdag stelt de Geïntegreerde Geheugenkliniek twee nieuwigheden in de kijker die onlangs in haar praktijk en onderzoeksprojecten werden geïntroduceerd. Ter gelegenheid van de Werelddag van de ziekte van Alzheimer vestigt onze Geïntegreerde Geheugenkliniek de aandacht op twee nieuwigheden die onlangs in onze praktijk en onderzoeksprojecten werden geïntroduceerd. Ze illustreren een belangrijke evolutie in ons inzicht in neurodegeneratieve ziekten: achter soms gelijkaardige symptomen kunnen verschillende biologische mechanismen schuilgaan … en soms zijn bij eenzelfde persoon meerdere mechanismen aanwezig.Een bloedafname om biologische tekenen van de ziekte van Alzheimer op te sporenWe kunnen voortaan een eiwit met de naam pTau217 in het bloed meten dankzij het werk van het LHUB en prof. Fleur Wolff.Een verhoogde waarde ervan houdt nauw verband met de kenmerkende veranderingen in de hersenen bij de ziekte van Alzheimer, in het bijzonder met de aanwezigheid van amyloïdepathologie (een aandoening die wordt veroorzaakt door een abnormale opstapeling van eiwitten in de organen). De prestaties van deze bloedbiomarker zijn de voorbije jaren aanzienlijk verbeterd, waardoor deze vandaag een steeds grotere plaats inneemt in de internationale aanbevelingen.Het belang voor patiënten is groot: een eenvoudige bloedafname kan in bepaalde situaties informatie opleveren waarvoor vroeger een lumbaalpunctie of een gespecialiseerd beeldvormingsonderzoek nodig was.Maar let op: het gaat niet om een opsporingstest voor de ziekte van Alzheimer bij de algemene bevolking.De bepaling van pTau217 is een gespecialiseerd onderzoek dat wordt uitgevoerd bij patiënten met cognitieve stoornissen en na een eerste medische evaluatie. Het vormt een aanvulling op de informatie uit het gesprek met de patiënt, de cognitieve tests en, afhankelijk van de situatie, de beeldvorming van de hersenen.Wanneer al deze elementen sterk en specifiek wijzen op de ziekte van Alzheimer, kan pTau217 zo het bijkomende stukje leveren dat de diagnose versterkt en het soms mogelijk maken een lumbaalpunctie te vermijden. Het is immers moeilijk om uitsluitend op basis van dit onderzoek een diagnose te stellen. We merken wel op dat pTau217 voor andere neurodegeneratieve ziekten niet de informatie oplevert die de analyse van het hersenvocht via een lumbaalpunctie wel geeft.Als het ware de kers op de diagnostische taart …En als er achter dezelfde symptomen meerdere ziekten schuilgaan?Een tweede nieuwigheid betreft een eiwit met de naam alfa-synucleïne. Met de steun van Lewy.be en in samenwerking met de Clinique Saint-Pierre d'Ottignies en de heer Jean-Louis Bayart zijn we gestart met de analyse van alfa-synucleïne in het hersenvocht. Alfa-synucleïne is een eiwit dat van nature in de hersenen voorkomt. Bij bepaalde ziekten neemt het een abnormale vorm aan en stapelt het zich geleidelijk op in de zenuwcellen. Deze ziekten worden synucleïnopathieën genoemd. Ze omvatten onder meer de ziekte van Parkinson en abnormale motoriek en de Lewy-bodyziekte.Dankzij nieuwe technieken kan in het hersenvocht worden gezocht naar de aanwezigheid van abnormale vormen van alfa-synucleïne die kunnen samenklonteren. Dit onderzoek wordt momenteel vooral in een onderzoekscontext gebruikt en het resultaat moet altijd worden geïnterpreteerd samen met de andere klinische en paraklinische gegevens. Waarom zijn we hier zo in geïnteresseerd? Omdat onze kijk op neurodegeneratieve ziekten aan het veranderen is.We hebben de ziekte van Alzheimer, de Lewy-bodyziekte en andere neurodegeneratieve ziekten lange tijd beschouwd als duidelijk van elkaar gescheiden entiteiten. Vandaag weten we dat meerdere pathologische processen in de hersenen van eenzelfde persoon naast elkaar kunnen bestaan.Zo suggereren studies van hersenen na overlijden en nieuwe studies met biomarkers dat ongeveer een derde van de patiënten met de ziekte van Alzheimer ook alfa-synucleïnegerelateerde pathologie vertoont. Met andere woorden: bij sommige patiënten is de vraag misschien niet eenvoudigweg: « Gaat het om de ziekte van Alzheimer of om de Lewy-bodyziekte? », maar eerder: « Is er bij deze patiënt sprake van een co-pathologie? » Door deze verschillende componenten te identificeren, kunnen we in de toekomst hopelijk de symptomen van elke patiënt en het verloop ervan beter begrijpen en steeds meer gepersonaliseerde zorg aanbieden.Naar een steeds nauwkeurigere neurologieDeze twee nieuwigheden streven uiteindelijk hetzelfde doel na: verder kijken dan de symptomen om de biologische mechanismen die bij elke patiënt verantwoordelijk zijn voor de cognitieve stoornissen beter te begrijpen. Een bloedafname die soms een lumbaalpunctie kan vermijden. Een analyse van het hersenvocht die ons helpt pathologieën aan het licht te brengen die tijdens het leven van de patiënt tot nu toe moeilijk te identificeren waren. Twee verschillende vooruitgangen, maar dezelfde richting: een nauwkeurigere, minder invasieve en meer gepersonaliseerde diagnose Contact opnemen met de Geïntegreerde Geheugenkliniek
Article
De dienst Gastro-enterologie heropent zijn tweede hospitalisatieafdeling.
Een belangrijke stap die de opvangcapaciteit van de dienst verhoogt en getuigt van een nieuwe dynamiek, gedragen door de versterking van de teams. Na een sluiting van meerdere jaren opent de tweede hospitalisatieafdeling van de dienst Gastro-enterologie van het H.U.B. opnieuw de deuren. Dit is een belangrijke stap die de opvangcapaciteit van de dienst vergroot en getuigt van een nieuwe dynamiek, gedragen door de versterking van de teams. Deze heropening werd sterk verwacht. De tweede hospitalisatieafdeling was meerdere jaren gesloten bij gebrek aan voldoende verpleegkundig personeel om patiënten in goede omstandigheden op te nemen, maar kan vandaag opnieuw de deuren openen. Acht nieuwe verpleegkundige medewerkers en medewerksters zijn in dienst gekomen, waardoor de teams konden worden versterkt en deze heropening mogelijk werd. Zo zijn er voortaan 24 extra bedden beschikbaar voor patiënten die door de dienst worden verzorgd, goed voor een totaal van 102 bedden in het ErasmeZiekenhuis en het Jules Bordet Instituut. Een gezamenlijke inspanning om de teams te versterken In een context van een tekort aan verpleegkundig personeel vormen het aantrekken en behouden van nieuwe professionals een belangrijke uitdaging voor de ziekenhuizen. Binnen het H.U.B. hebben de directie, de projectcoördinatoren, de verpleegkundige teams, de dienst Human Resources en de communicatiedienst hun krachten gebundeld om de aantrekkelijkheid van de dienst te vergroten en nieuwe talenten warm te maken om bij de instelling aan de slag te gaan. Communicatie over professionele mogelijkheden, begeleiding bij de aanwerving, het onder de aandacht brengen van de beroepen en de werkomgeving: verschillende hefbomen werden geactiveerd om deze dynamiek te ondersteunen. Dankzij de aanwerving van deze acht nieuwe verpleegkundige personeelsleden kan de dienst vandaag een concrete stap zetten: een hospitalisatieafdeling heropenen en meer patiënten opnemen. Erkende expertise Deze heropening versterkt de capaciteit van de dienst om zijn zorgopdracht uit te voeren ten voordele van patiënten die gespecialiseerde zorg binnen de gastro-enterologie nodig hebben. Ze vindt bovendien plaats in een bijzonder gunstige context voor de dienst, waarvan de expertise opnieuw wordt erkend in de Newsweek-rangschikking van de beste ziekenhuisdiensten: de Gastro-enterologie van het H.U.B. staat er op de eerste plaats in België. Deze erkenning sluit aan bij de opdracht van het H.U.B. als toonaangevend academisch ziekenhuis, waar medische en verpleegkundige expertise, onderzoek, innovatie en onderwijs bijdragen aan een voortdurende verbetering van de kwaliteit van de zorg. Maar deze uitmuntendheid steunt in de eerste plaats op de teams. Artsen, verpleegkundigen, zorgkundigen, paramedici, administratief personeel en alle professionals die bijdragen aan het zorgtraject van de patiënten geven deze expertise elke dag vorm. Ontdek de dienst Gastro-enterologie Image
Informatiepagina's
Biobanken – CBEU
De rol van de biobanken De biobanken van het Erasmusziekenhuis en de faculteit Geneeskunde van de ULB hebben tot doel biologische stalen te verzamelen, te bewaren en ter beschikking te stellen voor wetenschappelijk onderzoek in een strikt gereglementeerd kader. De stalen zijn afkomstig van resterend lichaamsmateriaal dat overblijft na een diagnose of dat wordt verzameld in het kader van klinische studies.Ze zijn gekoppeld aan gegevens over het staal, de pathologie en de patiënt, zonder dat daardoor de anonimiteit van de donor in het gedrang komt. De donatie van menselijk lichaamsmateriaal wordt in België bepaald door de wet van 19 december 2008. In het geval van stalen die na een diagnose zijn genomen, is gekozen voor het beginsel van opting out (veronderstelde toestemming). Het resterend materiaal wordt gebruikt tenzij de patiënt daar schriftelijk bezwaar tegen heeft gemaakt. Dat kan hij of zij zelfs achteraf nog doen. Bij klinische studies wordt vooraf schriftelijke toestemming van de patiënt verkregen. Voor elk wetenschappelijk onderzoek waarvoor men gebruik wil maken van stalen die worden bewaard in een biobank, moet een dossier worden ingediend ter goedkeuring door het ethisch comité en de wetenschappelijke raad. Traject van een staal Ziekenhuis-Faculteitsraad voor Biobanken (CBEU) IntroductieDe Conseil hospitalo-facultaire des biobanques Erasme-ULB (CBEU) werd opgericht in 2012 om het dagelijks beheer van de biobanken van het Erasmusziekenhuis en de faculteit Geneeskunde te vereenvoudigen en harmoniseren in overeenstemming met de wet van 19 december 2008 inzake het gebruik van menselijk lichaamsmateriaal met het oog op de geneeskundige toepassing op de mens of het wetenschappelijk onderzoek.Doel en takenDe Conseil hospitalo-facultaire des biobanques Erasme-ULB (CBEU) biedt ondersteuning aan de biobanken en de onderzoekers, met name wat betreft hun wettelijke, deontologische en ethische verplichtingenAls overkoepelende structuur vormt hij een contactpunt tussen de biobanken van het ziekenhuis en van de faculteit en met name de overheden, het ethisch comité en de onderzoekersHij bevordert wetenschappelijk onderzoekOrganisatieDe Conseil hospitalo-facultaire des biobanques Erasme-ULB bestaat uit een bestuur dat de bevoegdheid heeft om beslissingen te nemen met betrekking tot het dagelijks en operationeel beheer van de CBEU. Het bestuur komt minstens 3 keer per jaar samen. Naast dat bestuur omvat de CBEU leden die een biobank vertegenwoordigen, d.w.z. natuurlijke of rechtspersonen die een biobank vertegenwoordigen die werd of nog wordt opgericht binnen de faculteit Geneeskunde van de ULB of het Erasmusziekenhuis, en aangesloten leden. Die laatste worden toegelaten bij besluit van het bestuur omdat het erkende wetenschappelijke experts zijn in een domein dat rechtstreeks of onrechtstreeks van belang is voor de CBEU. Elk jaar wordt er een algemene vergadering gehouden, die bijeengeroepen wordt door het bestuur.BestuurSamenstelling van het bestuurDirectie: Pr M. Remmelink.Leden: Pr G. Smits, Dr E. Trepo, Pr J. Nortier, Pr F. Mascart, Pr I. Salmon, Dr Y. Sokolow, Pr J-M. Hougardy, Pr J-L. Van LaethemWerking van het bestuurHet bestuur heeft werkgroepen samengesteld om informatie over de volgende punten door te geven aan alle leden van de CBEU:stand van zaken van bestaande biobanken;type opgeslagen materiaal;samenwerking met de andere academische ziekenhuizen van het netwerk;implementatie van een geschikte IT-tool voor het dagelijks beheer van een biobank;het contact met de patiënten. De biobanken op de Erasmus-campus Op de Erasmus-campus bevinden zich een tiental biobanken. Ze zijn gegroepeerd binnen de CBEU (Conseil Hospitalo Facultaire des Biobanques). Ze maken ook deel uit van gewestelijke (BWB), nationale (Kankerplan (Actie 27) – BBMRI.be) en Europese (BBMRI) netwerken en dragen zo bij aan wetenschappelijke projecten op internationaal niveau. Raadpleeg het organigram. Contact Naam en contactgegevens van de contactpersonenDirectie van de CBEU: Prof. M. RemmelinkTel.:  +32 (02) 555 31 16 E-mailadres:  myriam [dot] remmelink [at] erasme [dot] ulb [dot] ac [dot] be (myriam[dot]remmelink[at]hubruxelles[dot]be)  Secretaris van de CBEU: F. SandrasTel.:  +32 (02) 555 89 13 E-mailadres:  info [dot] cbeu [at] erasme [dot] ulb [dot] ac [dot] be (info[dot]cbeu[at]hubruxelles[dot]be)Adres: Lenniksebaan 808 1070 Anderlecht Ontdek het ethisch charter voor de verzameling, de bewaring en het gebruik van menselijk lichaamsmateriaal in het kader van wetenschappelijk onderzoek dat werd opgesteld door de BWB-werkgroep. Ethisch charter Nuttige Links Biothèque Wallonie Bruxelles Belgian Cancer Registry BBMRI CMI-BBMRI. Vlaanderen Biobanques - Réseau français des biobanques International Society for Biological and Environmental Repositories - ISBER European, Middle Eastern & African Society for Biopreservation & Biobanking - E… De biobanken van het Erasmusziekenhuis en de faculteit Geneeskunde van de ULB verzamelen en bewaren biologische stalen en stellen ze ter beschikking voor wetenschappelijk onderzoek. Er bevinden er zich een tiental op de Erasmus-campus, als onderdeel van de CBEU (Conseil Hospitalo Facultaire des Biobanques Erasme-ULB).
Rich page
MyHUB, ook voor jou!
Met onze app MyHUB heb je alles binnen handbereik!  Maak kennis met MyHUB  MyHUB is de app die jou de controle geeft in al je relaties met het Erasme Ziekenhuis:   Maak afspraken Bekijk de agenda van je geplande afspraken en opnames  Hou je contactgegevens in onze bestanden up-to-date: adres, telefoonnummer, huisarts, ...  Vertel ons waar en wanneer je de opties wilt voor je ziekenhuisverblijf (menukeuze, kamertype, enz.) Lees op uw gemak de belangrijkste informatie over uw verblijf in het ziekenhuis Noteer je behandelingen als geheugensteuntje voor je medicatie (en om dit vlot te kunnen meedelen aan je arts)  Maak verbinding   Deze app is gratis: gewoon even downloaden  via Google Play of via de App Store.  Je kan Itsme gebruiken om je te identificeren. Als dat niet kan, vul je gewoon ons formulier in, of je kan het ook aan de onthaalbalie vragen bij je volgende bezoek aan het ziekenhuis.   Image Gebruik de app Je vindt hier een videofilmpje als handleiding.   Je hoeft dit niet via gsm te doen: je kan je gegevens ook beheren via de website https://patient.myhub.be/#!/login.  We raden je aan om, zodra de koppeling gemaakt is, je telefoon mee te brengen naar de raadplegingen: zo kan je met je arts eventueel de informatie delen die hem/haar aangaan, zoals de geneesmiddelen voor je behandelingen.   Sommige vragenlijsten moeten worden ingevuld vóór een ziekenhuisopname, andere erna; ze worden duidelijk aangegeven in de aanvraag en je ontvangt een melding wanneer ze actueel worden.  Als je een probleem ondervindt met de app (zoals het koppelen van je telefoon, het gebruik, ...) kan je een e-mail sturen naar support [dot] myhub [at] hubruxelles [dot] be.  Zélf een afspraak vastleggen Zodra de koppeling gemaakt is, klik je op "Mijn agenda". Daar vind je een knop “een afspraak vastleggen”. Selecteer vervolgens de dienst of afdeling waarmee je een afspraak wil vastleggen, evenals het type raadpleging en/of de arts die je wil spreken. Je krijgt dan automatisch de vroegst beschikbare datums aangeboden.  Via MyHUB kan je voorlopig nog niet álle afspraken zelf vastleggen. Het spreekt overigens vanzelf dat de andere manieren om afspraken vast te leggen, evenzeer beschikbaar blijven. 
Article
Purple Day: Epilepsie, laten we erover praten!
Ter gelegenheid van "Purple Day" zijn we op bezoek gegaan bij de afdeling Neurotechniek van het Erasme ziekenhuis: een essentiële speler in de strijd tegen epilepsie. Het neurotechnisch team In het hart van de strijd tegen epilepsie positioneert het Neurotechniek team zich als een onmisbare speler, met gespecialiseerde expertise en geavanceerde technologieën voor een nauwkeurige diagnose en continue monitoring van patiënten. Wat dit team onderscheidt, is de mobiliteit, beschikbaarheid en veelzijdigheid binnen andere afdelingen. Met behulp van draagbare elektro-encefalogrammen (EEG) interveniëren de verpleegkundigen van deze eenheid zodra een neurologisch probleem bij een gehospitaliseerde patiënt moet worden geanalyseerd, of het nu op neurologie, intensieve zorg, neonatologie, geriatrie of elders is. Op poliklinische basis zijn onze gespecialiseerde verpleegkundigen actief in neurologie- en kindergeneeskundeconsultaties om EEG's en geëvoceerde potentialen (VEP) ter plaatse uit te voeren. Geëvoceerde potentialen zijn een techniek waarmee neuronale reacties kunnen worden geëxtraheerd die verband houden met sensorische, cognitieve en motorische gebeurtenissen. Een nauwkeurige diagnose en continue monitoring Neurotechnique beschikt over een Epilepsie Verkenningseenheid (UDE) met 5 kamers, waar patiënten gedurende minstens 24 uur kunnen worden opgenomen voor een grondige diagnose van de frequentie, intensiteit en oorsprong van hun symptomen, en soms in afwachting van een chirurgische behandeling van hun epilepsie. Bovendien treedt ons specialistenteam ook op bij carotide chirurgische ingrepen, waarbij ze de EEG-monitoring verzorgen. Met een uitstekende reactiesnelheid, onmisbare mobiliteit en scherpe expertise draagt het team bij aan een nauwkeurige diagnose en continue monitoring van epileptische patiënten, wat resulteert in een aanzienlijke verbetering van hun zorg. Een dikke pluim voor hen! Contact: nathalie [dot] buffe [at] hubruxelles [dot] be
Rich page
Voor onze internationale patiënten (verblijfplaats in het buitenland)
U woont in het buitenland en u wenst een medische behandeling of een opname te regelen in het H.U.B (Jules Bordet Instituut, Universitair Kinderziekenhuis HUDERF, Erasmeziekenhuis) U beschikt over een sociale dekking in Europa Uw verzekeringsmaatschappij moet u een document S2 (vroeger: E112) voor de geplande behandelingen bezorgen. Bij een medisch spoedgeval, bevestigd door een arts van onze instelling, kan de EHIC (European Health Insurance Card) gebruikt worden. We verzoeken u de geldigheidstermijn van uw EHIC-kaart te controleren. U beschikt NIET over een sociale dekking in België of in Europa In dat geval moet u de volgende documenten aan het secretariaat van de afdeling of aan de gespecialiseerde arts bezorgen: Uw medisch dossier, zo compleet mogelijk, zodat wij kunnen bepalen welke behandeling vereist is voor uw gezondheidstoestand. Een kopie van een officieel identiteitsbewijs en/of uw paspoort, met daarop duidelijke vermelding van uw naam, voornamen en geboortedatum Op basis van de informatie van het medisch team stelt de Pre-opnamedienst of de Verzekeringsdienst voor u een kostenraming voor de aangewezen behandeling op. Als u beschikt over een betalingsgarantie van een verzekeringsmaatschappij, dan moet u ons deze bezorgen zodat de verzekeringsdienst deze kan valideren. In het andere geval dient u betaling te doen van het volledige bedrag van de kostenraming. Zodra de verzekeringsdekking gevalideerd is, zal de verzekeringsdienst u doorverwijzen naar het secretariaat van de afdeling of de gespecialiseerde arts die uw dossier behartigt, om uw komst te plannen. Bij uw aankomst in het H.U.B meldt u zich bij het onthaal met een geldig identiteitsbewijs (identiteitskaart, paspoort).