Article
Multiple sclerose: een complexe ziekte met hoopvolle vooruitzichten
Gesprek met Dr. Serena Borrelli, Dr. Sophie Elands en Dr. Audrey Van Hecke, neurologen aan het H.U.B., gespecialiseerd in de behandeling van multiple sclerose (MS). Lees meer MS: een weinig bekende ziekte die steeds beter behandeld wordt "Multiple sclerose is een auto-immuunziekte, wat betekent dat het immuunsysteem, dat normaal het lichaam beschermt, zich tegen het eigen lichaam keert. Het valt per vergissing de myeline aan, een beschermende laag rond de zenuwen in het centrale zenuwstelsel — dat wil zeggen de hersenen, de oogzenuwen en het ruggenmerg," legt Dr. Borrelli uit.Het centrale zenuwstelsel fungeert als het 'controlecentrum' van het lichaam: het regelt bewegingen, gevoel, zicht, geheugen en emoties. Wanneer de myeline beschadigd is, wordt de signaaloverdracht tussen de hersenen en de rest van het lichaam vertraagd, verstoord of zelfs onderbroken. Dit kan leiden tot een breed scala aan symptomen: intense vermoeidheid, motorische stoornissen, visuele problemen, cognitieve stoornissen of evenwichtsproblemen, met een zeer variabel verloop van persoon tot persoon.   Image Hoe wordt MS behandeld? "We kunnen MS nog niet genezen, maar we kunnen het verloop vertragen, opflakkeringen verminderen en de levenskwaliteit van patiënten verbeteren. Er zijn drie complementaire behandelingsvormen," zegt Dr. Borrelli.Huidige behandelingen:Behandeling van opflakkeringen, zoals corticosteroïden, die ontstekingen verminderen tijdens een acute episode. Langdurige behandelingen, die continu worden ingenomen en het verloop van de ziekte beïnvloeden. Ze worden aangepast aan het type MS, de activiteit ervan en de levensstijl van de patiënt. Momenteel zijn er in België ongeveer vijftien beschikbare medicijnen in verschillende vormen: tabletten, injecties, infusies. Symptomatische behandelingen, gericht op vermoeidheid, pijn, spierstijfheid of urineproblemen."MS is een complexe ziekte. Daarom is de behandeling gebaseerd op een multidisciplinair team: neurologen, kinesitherapeuten, psychologen, neuropsychologen, gespecialiseerde verpleegkundigen, urologen, oogartsen en vele anderen. In het H.U.B. bieden we een gepersonaliseerde aanpak voor elke patiënt," zegt Dr. Elands.In België leven ongeveer 15.000 mensen met deze aandoening, die voornamelijk jonge volwassenen treft. Ze komt drie keer vaker voor bij vrouwen en manifesteert zich vaak tussen de 20 en 40 jaar.   En bij kinderen, hoe verloopt de behandeling? "Hoewel het zeldzaam is, kan MS ook kinderen treffen. Voor jongeren onder de 18 jaar bieden we een specifieke pediatrische aanpak, in nauwe samenwerking met het Universitair Kinderziekenhuis Koningin Fabiola (HUDERF)," vertelt Dr. Van Hecke.Deze benadering houdt niet alleen rekening met de medische bijzonderheden van de ziekte bij kinderen, maar ook met hun algemene ontwikkeling. School, sociale leven, sportactiviteiten, psychologisch evenwicht: alles is gericht op de best mogelijke begeleiding van het kind en zijn familie. Een multidisciplinair pediatrisch team wordt ingezet (neuropsychologen, kinesitherapeuten, ergotherapeuten, specialisten in revalidatie, radiologie, oogheelkunde, enz.).Een geleidelijke overgang naar de volwassen geneeskunde is voorzien tijdens de adolescentie, met gezamenlijke opvolging door pediatrische en volwassen teams, om een continue zorg in een geruststellende omgeving te garanderen.  Image Onderzoek vordert. Welke innovatieve therapieën zijn in opkomst? "We onderzoeken veelbelovende nieuwe pistes, zoals BTK-remmers, gerichte behandelingen die ontstekingen rechtstreeks in de hersenen afremmen, een fenomeen dat steeds meer erkend wordt bij MS," legt Dr. Borrelli uit.Tegelijkertijd richt het team zich ook op ziekten die lijken op MS, zoals de auto-immuunziekte anti-MOG (ook wel MOGAD genoemd). Bij deze aandoening produceert het immuunsysteem antilichamen (natuurlijke afweerstoffen) tegen een eiwit genaamd MOG (Myelin Oligodendrocyte Glycoprotein), dat aanwezig is in de myeline. Het betreft een zeldzame aandoening die vergelijkbare symptomen kan veroorzaken als MS, maar het mechanisme is anders, en de behandeling moet dat ook zijn."Ook hier loopt een studie om een nieuwe behandeling te testen. In afwezigheid van goedgekeurde therapeutische opties die specifiek zijn voor MOGAD, is het belangrijk om gerichte therapieën te vinden die aansluiten bij het mechanisme van de ziekte zelf," zegt Dr. Elands.Het onderzoeksproject van Dr. Elands wordt bovendien gefinancierd met een beurs van het Erasmefonds.  Image Wat is de rol van het H.U.B. in deze dynamiek? "We zijn zeer actief in internationale klinische studies. Dat betekent dat onze patiënten toegang hebben tot de meest innovatieve behandelingen onder gecontroleerde en veilige omstandigheden," voegt Dr. Borrelli toe.De MS-kliniek, verbonden aan de dienst Neurologie van het H.U.B., is een nationaal referentiecentrum, niet alleen vanwege haar onderzoekscoördinatoren, maar ook vanwege de kwaliteit van haar technische faciliteiten, de nauwkeurigheid van de medische opvolging en de multidisciplinaire expertise van de teams die betrokken zijn bij onderzoek, neurologie, neuro-imaging en revalidatie. Deze unieke en complete organisatie maakt het mogelijk om geavanceerde zorg te bieden.   Welke boodschap willen jullie overbrengen aan patiënten en hun naasten? "Ja, MS is een chronische ziekte waarvoor nog geen genezende behandeling bestaat. Echter, dankzij de vooruitgang in onderzoek en een aangepaste aanpak kunnen we de levenskwaliteit van patiënten aanzienlijk verbeteren, hun autonomie behouden en de progressie van de ziekte afremmen," voegt Dr. Elands toe. Terug op consultatie komen, zelfs na meerdere jaren, kan nog steeds een verschil maken in het verloop van de ziekte. "De behandelingen zijn enorm geëvolueerd: twintig jaar geleden hadden we slechts één of twee injecteerbare opties. Vandaag kunnen we een vijftiental verschillende behandelingen aanbieden. Dat is een opmerkelijke vooruitgang.""Te veel patiënten aarzelen om een arts te raadplegen, denkend dat er niets aan te doen is. Nochtans kan een vroege en volledige behandeling vaak de progressie van de ziekte vertragen, opflakkeringen beperken en vooral de levenskwaliteit behouden," besluit Dr. Borrelli.   Een afspraak maken of een second opinion nodig? De MS-kliniek van het H.U.B. verwelkomt elke patiënt met een diagnose van multiple sclerose of een verwante ziekte.Contactgegevens:E-mail: SecMed [dot] Neuro [dot] erasme [at] hubruxelles [dot] be (SecMed[dot]Neuro[dot]erasme[at]hubruxelles[dot]be)Afspraak maken: +32 (0)2 555 3357Voor extra ondersteuning:Belgische Multiple Sclerose Liga: www.liguesep.beCharcot Stichting: www.fondation-charcot.org
Article
Eetstoornissen bij jongeren: het Erasme Ziekenhuis wordt regionaal en supraregionaal referentiecentrum
Face à l’augmentation préoccupante des Troubles du comportement alimentaire (TCA) chez les adolescents et jeunes adultes, l’Hôpital Erasme (H.U.B) prend une position stratégique : depuis avril 2025, il est désigné centre de référence régional et suprarégional pour les cas complexes de TCA, dans le cadre d’un nouveau trajet de soins coordonné, multidisciplinaire et pris en charge par l’INAMI. Ce dispositif s’adresse aux jeunes de 0 à 23 ans, avec un objectif clair : ne plus laisser les familles seules face à ces troubles souvent invisibles, mal compris, mais toujours graves Notre rôle est autant clinique que soutenant et structurant : accompagner les jeunes, les familles, mais aussi aider les professionnels dans les trajets de soins complexes  Dr Judith Dereau pédopsychiatre référente TCA à l’H.U.B Une pathologie en pleine expansionLes chiffres parlent d’eux-mêmes. Selon les données publiées par Sciensano en 2024, 13 % de la population belge présente une suspicion de TCA. Chez les adolescents, cette proportion atteint 18 % chez les filles, contre 7 % chez les garçons. À Bruxelles, la prévalence est encore plus marquée : 18 %, contre 12 % en Flandre.Anorexie, boulimie, hyperphagie… Derrière ces termes se cache une réalité bien plus vaste que le simple rapport à la nourriture. Les TCA traduisent une détresse profonde, un trouble du rapport au corps, au stress, à l’estime de soi et aux autres. Dans un premier temps, c’est bien souvent à l’adolescence — période de bouleversements identitaires — que ces troubles s’installent silencieusement.Un soin en ambulatoire pour les TCA plus adaptéLongtemps, les jeunes en souffrance se sont retrouvés face à une absence de solution, entre des consultations isolées ou une hospitalisation complète. Il y a un an, la mise en place du trajet de soins ambulatoire, financé et encadré par les autorités fédérales pour garantir un accompagnement progressif, adapté et de proximité, a été une première étape.Depuis ce printemps, il y a un renforcement de l’accompagnement, avec la mise en place de soins ambulatoires régionaux, un accueil thérapeutique à temps partiel, et la désignation de 9 centres de référence en Belgique, dont l’H.U.B, via son Service de Psychiatrie du bébé, de l’enfant, de l’adolescent et du jeune adulte — à cheval sur l’Hôpital Universitaire des Enfants Reine Fabiola (HUDERF) et l’Hôpital Erasme. L’H.U.B proposera son expertise aux patients et aux professionnels.« Notre rôle est autant clinique que soutenant et structurant : accompagner les jeunes, les familles, mais aussi aider les professionnels dans les trajets de soins complexes », souligne la Dr Judith Dereau, pédopsychiatre référente TCA à l’H.U.B.En tant que centre de référence, l’équipe travaillera avec toutes les régions et pourra s’occuper des cas les plus sévères. Au niveau bruxellois, l’H.U.B est heureux d’annoncer un partenariat avec l’UZ Brussel pour proposer un accueil à temps partiel spécialisé et multilingue qui sera mis en place très prochainement. Un maillage territorialCe nouveau trajet de soins repose sur un réseau solide et articulé :au premier niveau, les médecins généralistes, avec les psychologues et les diététiciens conventionnés, soutenus par les EMAS (Équipes Multidisciplinaires Ambulatoires de Soutien), trajet de soins pris en charge financièrement,au second, les équipes de traitement à temps partiel des réseaux SMEA (Santé Mentale Enfants et Adolescents), avec des offres thérapeutiques dans chaque région,au dernier niveau, les centres spécialisés comme l’H.U.B.Mais pour que cette réforme porte ses fruits, un défi subsiste : faire évoluer les mentalités. Les TCA ne sont pas des troubles simples, mais des pathologies complexes et parfois mortelles. Dans les situations les plus sévères, en plus des complications somatiques, le suicide est aussi un risque. Il est urgent de détecter tôt et d’agir vite.Lien INAMI : Prise en charge des troubles du comportement alimentaire pour les jeunes jusqu’à 23 ans inclus | INAMI Lien H.U.B : https://www.erasme.be/fr/centre-pluridisciplinaire-ambulatoire-specialise-tca
Article
WERELD SIKKELCELDAG: Onderzoeksdag in het Erasme Ziekenhuis
Ter gelegenheid van de Werelddag tegen sikkelcelziekte heet de dienst hematologie van het H.U.B. u welkom in de inkomhal van het Erasme ziekenhuis voor een gratis preconceptiescreening, zonder afspraak. Image Wat als het kennen van uw dragerschap uw toekomst – en die van uw kinderen – zou veranderen? Dag van de sikkelcelscreening – 19 juni 2025Informeer u, laat u testen, stel uw vragenTer gelegenheid van de Werelddag voor Sikkelcelziekte nodigen de teams van het Erasme Ziekenhuis en het Kinderziekenhuis Koningin Fabiola (HUDERF) u uit voor een gratis infodag en screening, open voor iedereen.Programma van de dagInfostand– Uitleg over sikkelcelziekte, een nog weinig bekende erfelijke aandoening– Informatie over het belang van preconceptiescreening vóór het starten van een gezinVoorstelling van het zorgtraject binnen het H.U.B– Hoe worden patiënten met sikkelcelziekte opgevolgd en ondersteund?– Welke diensten en specialisten zijn erbij betrokken?Begeleiding van (toekomstige) ouders met sikkelcelziekte– Heeft u een kinderwens? U krijgt gerichte informatie en advies over de beschikbare opties voor dragers of patiëntenSensibilisering rond bloeddonatie, in samenwerking met het Rode Kruis– Bloedtransfusies zijn essentieel voor de behandeling van veel mensen met sikkelcelziekteGratis screening zonder afspraak (enkel in het Erasme Ziekenhuis)Sneltest– Een eenvoudige vingerprik– Een snel resultaat met duidelijke uitleg aangepast aan uw situatie– Mogelijkheid om op dezelfde dag (of later op afspraak) een gesprek met een arts te hebbenIndividuele en vertrouwelijke gesprekken– Met een gespecialiseerd hematoloog en een expert in genetica– Voor al uw vragen of voor gepersonaliseerd preconceptieadviesWaarom laten testen?Sikkelcelziekte is een ernstige erfelijke bloedziekte.Een test vertelt u of u drager bent van het betrokken gen.Als beide ouders drager zijn, bestaat er een verhoogd risico dat het kind de ziekte krijgt.Uw statuut kennen betekent bewuste keuzes kunnen maken en de gezondheid van de volgende generatie beschermen.Praktische informatieWaar?– Erasme Ziekenhuis – H.U.B, Lenniksebaan 808, 1070 Anderlecht (inkomhal, gelijkvloers)– Kinderziekenhuis Koningin Fabiola – HUDERF, Jean-Joseph Croqlaan 15, 1020 Brussel (inkomhal, gelijkvloers)Let op: enkel een infostand is voorzien in het Kinderziekenhuis. Voor de gratis screening kunt u terecht in het Erasme Ziekenhuis.Wanneer?Donderdag 19 juni 2025, van 9.00 tot 16.00 uurToegang vrij en gratis
Article
ADHD: een stoornis die het dagelijks leven verstoort, een behandeling die evolueert
Onoplettendheid, impulsiviteit, emotionele of organisatorische problemen ... Achter die vaak gebanaliseerde of verkeerd geïnterpreteerde symptomen schuilt soms een aandachtstekortstoornis met of zonder hyperactiviteit (ADHD) ADHD: een stoornis die het dagelijks leven verstoort, een behandeling die evolueertOnoplettendheid, impulsiviteit, emotionele of organisatorische problemen ... Achter die vaak gebanaliseerde of verkeerd geïnterpreteerde symptomen schuilt soms een aandachtstekortstoornis met of zonder hyperactiviteit (ADHD). ADHD wordt nog steeds slecht begrepen en wordt soms gestigmatiseerd, terwijl het tot 5% van de kinderen en bijna 3% van de volwassenen[1] treft. Maar hoe kan het nauwkeurig worden gediagnosticeerd? Bij wie kunnen patiënten terecht? En vooral, hoe kunnen die patiënten dagelijks beter leven met hun stoornis?We spraken met professor Pierre Oswald, directeur van de dienst Psychiatrie van het Academisch Ziekenhuis Brussel (H.U.B.) en Stéphanie Braun, een Klinisch psychologe gespecialiseerd in psychometrisch onderzoek, om dit vaak bochtig traject te verhelderen.ADHD: een oude stoornis, veranderende perceptiesADHD werd niet altijd zo genoemd. Al in de 18e eeuw beschreven artsen kinderen die 'geagiteerd', 'afgeleid' en 'onstabiel' waren – zonder dat ze er ook een bepaalde stoornis op plakten. Aan het begin van de 20e eeuw werden verschillende vormen van 'aandachtstekort' benoemd, vaak in verband met neurologische of opvoedkundige hypothesen.Pas in de jaren 1980, met de evolutie van de psychiatrische classificaties (in het bijzonder DSM), kreeg ADHD een stabielere klinische vorm. Het wordt nu erkend als een neurologische ontwikkelingsstoornis, wat betekent dat het zijn oorsprong vindt in de ontwikkeling van de hersenen, ontstaat in de kindertijd en een blijvende impact heeft op bepaalde cognitieve functies zoals aandacht, werkgeheugen, planning en emotionele en gedragsregulatie."Het is niet gewoon een ontwikkelingsachterstand of een tijdelijke moeilijkheid, maar een manier van functioneren die ontstaat vanaf de kindertijd en waarvan de uitingen variëren naargelang de levensperiode", aldus Stéphanie Braun.Beoordeling van ADHD: een rigoureuze klinische benaderingIn tegenstelling tot wat veel mensen denken, bestaat er geen biologische test (bloedtest, MRI enz.) om ADHD te diagnosticeren. "De diagnose is gebaseerd op een grondige klinische beoordeling", legt Stéphanie Braun uit.Bij zowel kinderen als volwassenen gebeurt de beoordeling op basis van verschillende wetenschappelijk gevalideerde tools:een gedetailleerde anamnese (school, familiale voorgeschiedenis, persoonlijke geschiedenis);zelfvragenlijsten die moeten worden gestandaardiseerd en bijgewerkt moeten worden bijgewerkt;gestructureerde klinische gesprekken, waardoor de 'verzamelde gegevens'kunnen worden genuanceerd;en, indien nodig, een neuropsychologische beoordeling, met name bij kinderen en tieners om cognitieve sterktes en zwaktes vast te stellen of te reageren op een vraag om aanpassingen op school. Binnen het H.U.B. kunnen we rekenen op de expertise van neuropsycholoog Hichem Slama, directeur van de Dienst Neuropsychologie en Logopedie"We doen echt speurwerk. We proberen te begrijpen wat vanaf de kindertijd kan wijzen op een andere manier van functioneren, zelfs als de persoon compenserende strategieën heeft ontwikkeld"Discrete tekenen die vaak worden verward met iets andersWe kennen allemaal het beeld van kinderen die geagiteerd zijn of dagdromen in de klas, maar ADHD kan zich ook op een veel discretere manier manifesteren, zeker bij volwassenen, wat de diagnose bijzonder complex maakt. "Wanneer een volwassene op raadpleging komt vanwege psychische problemen, moet ADHD altijd worden overwogen in de differentiële diagnose", benadrukt prof. Oswald. "De klassieke symptomen – onoplettendheid, impulsiviteit, hyperactiviteit – kunnen worden gemaskeerd door compensatiemechanismen of veranderen in de loop van de tijd: chronische angst, slaapstoornissen, het gevoel te falen, prikkelbaarheid, relatieproblemen", legt hij uit.We moeten dus zeker letten op de emotieregulatie: "Korte maar disproportionele intense woede of diep verdriet, vaak gevolgd door schuldgevoelens, kunnen wijzen op onderliggende ADHD", voegt hij eraan toe. Bij sommige volwassenen komen de problemen pas laat aan het oppervlak, wanneer een compensatiemechanisme het begeeft door een verandering van levensritme, ouderschap, mentale overbelasting ...Een stoornis die zelden op zich staat: angst, depressie, verslavingenIn meer dan 80% van de gevallen gaat ADHD gepaard met andere stoornissen, zoals depressie, angststoornissen of slaapstoornissen[2]. "Die comorbiditeit is vaak het gevolg van de constante inspanningen om aandachts- en emotionele problemen te compenseren en normaal te functioneren", zegt de psychiater.Hij vernoemt ook frequente verbanden met:problemen met middelengebruik (alcohol, cannabis, cocaïne)[3];persoonlijkheidsstoornissen (met name borderline);en gedragsproblemen, soms gekoppeld aan forensische trajecten.Wanneer moet een patiënt op raadpleging komen? En waar start je mee?Vaak zoeken mensen pas laat hulp, wanneer ze al erg in de problemen zitten. "Je moet niet wachten tot het slecht gaat om hulp te zoeken. Dagelijkse problemen met organisatie, concentratie en omgaan met emoties zijn al waarschuwingssignalen", benadrukt Stéphanie Braun.Het zorgtraject begint meestal bij de huisarts, die de patiënt vervolgens kan doorverwijzen naar een zorgverlener die opgeleid is voor ADHD (psycholoog, psychiater). "We moeten de eerstelijnsartsen opleiden voor de screening, om de communicatie en doorgifte van de zorg tussen de verschillende zorglijnen te verbeteren", legt Prof. Oswald uit. Want ADHD is niet 'zomaar een psychische stoornis': het beïnvloedt het hele leven – school, werk, vrienden, gezin. Een kind met ADHD opvoedenBij kinderen zijn het vaak de leerkrachten die als eerste gedrag melden dat niet binnen de normen valt: motorische rusteloosheid, moeite om instructies te volgen, aandachtsproblemen. Samenwerking tussen ouders, scholen en zorgverleners is dus essentieel. "Het is nooit gemakkelijk voor ouders om te moeten komen praten over de moeilijkheden van hun kind, maar dit maakt het mogelijk om een passend zorgtraject te starten waar iedereen baat bij heeft: kinderen, ouders en leerkrachten ", aldus Stéphanie Braun.Een diagnose kan een opluchting zijn voor de gezinnen, omdat het een verklaring biedt voor de ondervonden moeilijkheden en toegang geeft tot concrete hulp: aanpassingen op school, onderwijsondersteuning, begeleiding voor de ouders. Het is echter belangrijk om voorzichtig te blijven en "te vermijden om te vroeg een label op een kind te plakken, maar aandachtig te blijven voor waarschuwingssignalen", benadrukt Stéphanie Braun.En in het dagelijks leven? Praktisch advies voorafgaand aan een diagnoseHet is niet nodig om te wachten op een officiële diagnose om actie te nemen. Er zijn tal van reguleringsstrategieën die al met de patiënt kunnen worden toegepast:een gezonde levensstijl (slaap, voeding, regelmatige lichaamsbeweging);tools voor tijd- en prioriteitenbeheer (visuele agenda's, timers);ruimte voor pauzes en herstel gedurende de dag;psycho-educatie (het eigen functioneren begrijpen);ondersteuning van de ouders en aanpassingen op school;ontspanning, hartcoherentie, meditatie, via apps of gespecialiseerde verenigingen."Er zijn veel dingen die het dagelijks leven al kunnen verbeteren, ook zonder medicatie", zegt de psychiater. Hij pleit voor een multidisciplinaire, persoonlijke aanpak, waarbij niet alleen zorgverleners betrokken zijn, maar ook coaches, opvoeders, ergotherapeuten en diëtisten.Een veelzijdige aandoening die genuanceerd en hoopvol benaderd moet wordenTegenwoordig wordt ADHD erkend als een op zich staande stoornis, met een neurologische en genetische basis, die ook sterk wordt beïnvloed door omgevings- en psychosociale factoren. Een stoornis op het kruispunt van het biologische en de ervaring, die een genuanceerde, menselijke en geïndividualiseerde benadering vereist.ADHD is geen 'defect' dat gecorrigeerd moet worden, maar een andere werking van de hersenen, die bepaalde uitdagingen met zich meebrengt, maar ook bepaalde voordelen. Het gaat er niet alleen om of er al dan niet een diagnose is gesteld: het is iets waar dagelijks aan wordt gewerkt, door de persoon, zijn gezin en zijn zorgverleners samen."Geneeskunde biedt nooit absolute zekerheid. In de psychiatrie nog minder. Maar wat we wel kunnen garanderen is een respectvolle, vooruitstrevende begeleiding op maat van elke persoon", besluit prof. Oswald.Een stapje verder gaanTDAH BelgiqueFranse vereniging TDAH FranceAanbevolen apps: Petit BamBou, Respirelax+, Time TimerBoeken: TDAH adulte – Le reconnaître et le prendre en charge (Ed. Dunod), Mon cerveau a besoin de lunettes (Annick Vincent) [1] Bron: Polanczyk G et al. (2007). The worldwide prevalence of ADHD: a systematic review and metaregression analysis, American Journal of Psychiatry ; Faraone SV et al. (2021), WFADHD Statement.[2] Bron: American Psychiatric Association. Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, Fifth Edition (DSM-5), 2013 ; Faraone SV et al. (2021), The World Federation of ADHD International Consensus Statement, Neuroscience and Biobehavioral Reviews.[3] Bron: Wilens TE et al. (2011). Does ADHD predict substance-use disorders? A 10-year follow-up study of young adults with ADHD, Journal of the American Academy of Child and Adolescent Psychiatry.
Article
Het H.U.B. draagt bij aan een belangrijke stap voorwaarts in het onderzoek naar alcoholische hepatitis
In het kader van een wereldwijde klinische studie naar de werkzaamheid van een nieuwe molecule bij patiënten met alcoholische hepatitis heeft de dienst Gastro-enterologie van het H.U.B. bijgedragen aan een groot klinisch onderzoeksproject om onze kennis van de ziekte te vergroten en een nieuwe therapeutische optie te onderzoeken. Prof. Christophe Moreno, directeur van de dienst Gastro-enterologie van het H.U.B., legt het belang van de studie uit en bespreekt de belangrijke punten over de opsporing van deze ziekte.Alcoholische hepatitis, een nog weinig bekende en dodelijke ziekteDe studie heeft een molecule onderzocht bij patiënten met ernstige alcoholische hepatitis. Die leverziekte ontwikkelt zich asymptomatisch bij patiënten die jarenlang overmatig alcohol consumeren en zonder het te weten levercirrose ontwikkelen. 15 à 20% van de patiënten  die overmatig alcohol consumeren zal ooit cirrose ontwikkelen. Wanneer de patiënt geelzucht krijg, heeft de ziekte al een gevorderd stadium bereikt en is er leverschade. Sommige vormen zijn ernstiger dan andere. Wanneer een patiënt geelzucht heeft zonder symptomen van leverinsufficiëntie, kan hij snel herstellen. Wanneer de signalen van leverinsufficiëntie opduiken omdat de patiënt zonder het te weten levercirrose heeft, is de prognose echter zeer slecht."Alcoholische hepatitis is de ernstigste vorm bij patiënten met een leverziekte: 25% van hen overlijdt binnen een maand na het verschijnen van de symptomen. Het Erasme Ziekenhuis – H.U.B is een referentiecentrum voor de behandeling van alcoholische hepatitis. We zien 30 à 40 gevallen per jaar".Weinig therapeutische oplossingen voor patiënten die niet reageren op de standaardbehandeling Image Op dit moment worden er corticosteroïden gebruikt om patiënten met ernstige alcoholische hepatitis te behandelen. Die behandeling wordt aanbevolen door de Europese en Amerikaanse hepatologieverenigingen. Momenteel is er nog geen enkel geneesmiddel goedgekeurd door de regelgevende instanties voor deze indicatie. Alcoholische hepatitis is nog steeds een relatief onbekende ziekte en de sector heeft er weinig in geïnvesteerd. Er wordt met andere woorden weinig wetenschappelijk onderzoek naar gevoerd. Bovendien overlijden zoveel van de gediagnosticeerde patiënten op erg korte termijn dat het moeilijk is om een geneesmiddelenbehandeling aan te bieden die tijdig voldoende werkzaam is. "25% van de patiënten die aan deze ziekte lijden is na één maand overleden. Bij de patiënten die niet reageren op corticosteroïden is dat zelfs 75%."[1]Het kan paradoxaal lijken, maar stoppen met alcohol drinken heeft geen invloed op de overlevingskans van een patiënt op korte termijn. Als de patiënt goed reageert op de corticosteroïden en nog leeft na 3 of 6 maanden, zal geheelonthouding wel een beslissende rol spelen voor de progressie van de ziekte en de langetermijnprognose van de patiënt. Een studie die de centrale rol van leverregeneratie in de kijker zet Image De studie waaraan wij hebben bijgedragen werd wereldwijd uitgevoerd bij iets meer dan 300 patiënten. Van alle klinische centra in Europa hebben wij de meeste patiënten gerekruteerd. Het doel van deze studie is om de veiligheid en werkzaamheid te beoordelen van een geneesmiddel, Larsucosterol, dat als een van zijn belangrijkste effecten een betere leverregeneratie heeft. Die leverregeneratie staat centraal in de behandeling van deze ziekte, omdat is vastgesteld dat het hoge sterftecijfer op korte termijn deels te wijten is aan het feit dat de lever niet meer regenereert. "We hebben lang gedacht dat alcoholische hepatitis sterk inflammatoir was, wat trouwens ook klopt. Maar we weten nu dat er ook een falen van de leverregeneratie aan te pas komt."Hoewel de resultaten van de studie niet aan de oorspronkelijk gestelde doelen voldeden, kon worden vastgesteld dat een patiëntensegment in de Verenigde Staten baat had bij de behandeling. Deze resultaten zijn gepubliceerd in het prestigieuze New England Journal of Medicine – Evidence en hebben de opstart van een nieuwe fase III-studie mogelijk gemaakt (een studie die a priori moet evalueren in welke dosering het geneesmiddel best kan worden toegediend aan een nog grotere patiëntenpopulatie dan die van de fase IIa-studie).Het H.U.B, een toonaangevend klinisch centrum voor alcoholische hepatitis Wij zijn een van de twee Belgische centra die geselecteerd zijn om deze klinische studie uit te voeren. Alcoholische hepatitis is een belangrijk onderzoeksthema op onze dienst Gastro-enterologie. We hebben de fysiologie van de ziekte bestudeerd in diermodellen en hebben een echte klinische expertise ontwikkeld via meerdere studies die ons in staat hebben gesteld om verschillende moleculen en therapeutische strategieën te testen.Wat het H.U.B. tot een pionier maakt in de behandeling van alcoholische hepatitis is ons versnelde levertransplantatieprogramma. "Samen met onderzoekers en artsen uit Lille (Frankrijk) hebben wij als eersten ter wereld een therapeutische oplossing ontwikkeld voor patiënten met alcoholische hepatitis die niet reageren op corticosteroïden". Levertransplantatie is de enige kans op overleven voor deze patiënten, maar niet iedereen komt in aanmerking voor een transplantaat. We hebben de eerste versnelde transplantatie uitgevoerd in 2006. Vandaag wordt het H.U.B. zowel in België als internationaal erkend voor deze activiteit. Image Aanvankelijk was er zowel in de wetenschappelijke als de medische gemeenschap verzet tegen het idee om gezonde levers te transplanteren in patiënten met alcoholische hepatitis (die zich per definitie nog maar een paar weken onthielden). Intussen wordt deze aanpak aanbevolen door de Europese en Amerikaanse hepatologieverenigingen. Het is een lange en moeilijke strijd geweest, maar het heeft de overlevingskansen van de patiënten aanzienlijk verbeterd en bij uitbreiding de ethiek in het domein ingrijpend veranderd.Het was ook een gelegenheid voor het H.U.B. om zijn expertise te consolideren via de ontwikkeling van een multidisciplinair team met chirurgen, hepatologen, een psychiater die specifiek voor alcoholgerelateerde leverziekten verbonden is aan de dienst Gastro-enterologie, een psycholoog, een maatschappelijk werker en een team van verpleegkundigen die nauw betrokken zijn bij de evaluatie van deze patiënten. We bespreken elk geval samen om op basis van zo objectief mogelijke criteria te beslissen of patiënten al dan niet in aanmerking komen voor transplantatie. Naast die procedure is uiteraard ook de opvolging van de patiënt cruciaal.Naar een ander perspectief en een andere aanpak van de ziekteEen jaar geleden werd er nog een onderscheid gemaakt tussen patiënten met een 'vette' leverziekte en patiënten met een alcoholgerelateerde leverziekte. We beseften dat die opdeling geen zin had, omdat leverziektes, of ze nu veroorzaakt worden door een stofwisselingsprobleem (zoals diabetes of obesitas) of door overmatig alcoholgebruik, bij de meeste patiënten een continuüm vormen. We zien vaak dat patiënten met stofwisselingsstoornissen ook risico lopen om een leverziekte te ontwikkelen. Patiënten die cirrose ontwikkelen door overmatig alcoholgebruik hebben in het algemeen dan weer andere comorbiditeitsfactoren zoals diabetes, obesitas of hypertensie.De nieuwe gemeenschappelijke nomenclatuur die door de wetenschappelijke verenigingen werd opgesteld, zou meer belangstelling van de farmaceutische industrie moeten wekken. Er zijn niet veel bedrijven die hebben geïnvesteerd in onderzoek naar alcoholgerelateerde leverziekten, maar wel veel bedrijven die zich bezighouden met stofwisselingsziekten. Aangezien de pathofysiologische mechanismen van al deze leverziekten erg gelijkaardig zijn, kunnen ze de nieuwe moleculen nu testen bij alle patiënten, ongeacht of hun hepatitis veroorzaakt wordt door een stofwisselingsstoornis of overmatig alcoholgebruik.Deze drastische verandering, die ook overeenstemt met de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie, zou op termijn moeten bijdragen aan een destigmatisering van deze ziekte, die nog steeds de belangrijkste oorzaak is voor levergerelateerde sterfte. We hopen dat er nog werkzamere moleculen zullen worden ontwikkeld om de overlevingskansen van de patiënten te vergroten. We hopen ook dat transplantatie niet langer een taboe zal zijn en mogelijk zal worden voor alle gemotiveerde patiënten die de nodige inspanningen zullen leveren om nuchter te blijven.Een betere preventie en eerstelijnsscreeningHoewel er nog geen goedgekeurde geneesmiddelen bestaan en corticosteroïden nog steeds de enige beschikbare behandeling zijn, wordt alcoholgerelateerde leverziekte nu beter begrepen. Wanneer een patiënt geelzucht ontwikkelt in een context van overmatig alcoholgebruik, is de situatie ernstig en dringend en moet de patiënt worden opgenomen in een gespecialiseerd centrum. "Als de patiënt niet reageert op corticosteroïden en baat kan hebben bij een transplantatie, moet hij worden opgenomen in een academisch ziekenhuis zoals het H.U.B., dat levertransplantaties kan uitvoeren en, in ons geval, een versnelde procedure kan aanbieden."Deze oplossingen worden voorgesteld om de prognose van de patiënten te verbeteren, maar ook preventie en opsporing van alcoholische hepatitis zijn ontzettend belangrijk. De huisartsen spelen een belangrijke rol bij de opsporing van deze ziekte , die zich langzaam ontwikkelt en asymptomatisch blijft tot de dag dat er leverschade optreedt en de lever niet meer werkt. Als een arts merkt dat een patiënt overmatig drinkt, kan hij een eenvoudige, niet-invasieve screening uitvoeren. De eerste stap is een bloedafname om de Fib4 te berekenen, een score die wordt gebruikt om te beoordelen of de patiënt littekenweefsel in de lever heeft. Als de resultaten van die score wijzen op de aanwezigheid van fibrose, kan de huisarts een fibroscan (een niet-invasieve test om de mate van leverfibrose te evalueren) voorschrijven aan zijn patiënt en hem doorverwijzen naar het ziekenhuis voor de procedure. De patiënt hoeft niet per se een specialist te raadplegen; hij kan voor de resultaten van het onderzoek opnieuw terecht bij zijn huisarts. Als de toestand van de patiënt het vereist, moet hij uiteraard wel een hepatoloog raadplegen voor een optimale behandeling.Wat preventie betreft, is het cruciaal om risicopatiënten bewust te maken van de asymptomatische aard van deze ziekte. Het is niet de bedoeling om patiënten een schuldgevoel te geven of hen te 'dwingen' om te stoppen met overmatig drinken of eten, maar om hen aan te moedigen aandacht te besteden aan hun lichaam en niet te wachten op symptomen om een arts te raadplegen. Een vroege opsporing van alcoholische hepatitis kan ernstige leverschade en een bijna onomkeerbare uitkomst voorkomen.[1] Bron: The Lancet – actions > Search in PubMed > Search in NLM Catalog > Add to Search> . 1995 Oct 14;346(8981):987-90. doi: 10.1016/s0140-6736(95)91685-7.[2] Bron: Hepatology. 2007 Jun;45(6):1348-54. doi: 10.1002/hep.21607.  Prof. Christophe MORENODirecteur van de dienst Gastro-enterologie van het H.U.B.Voorzitter van het Europees SALVE-consortium (Study for alcohol-related liver disease in Europe)
Article
Schizofrenie: een complexe aandoening met meerdere vormen
Ter gelegenheid van de Wereldschizofreniedag heeft prof. Pierre Oswald, directeur van de dienst Psychiatrie van het H.U.B., het over de manier waarop deze aandoening wordt gedefinieerd, waargenomen en vooral behandeld. Hoe wordt schizofrenie gedefinieerd?Schizofrenie is een psychiatrische aandoening die de waarneming, de gedachten, de emoties en het gedrag beïnvloedt. Het is geen chronische aandoening, maar eerder een globale, veelzijdige, proteïsche aandoening die de patiënt op verschillende manieren beïnvloedt. Bij sommige patiënten kan ze zich manifesteren wanneer de persoon het moeilijk heeft om om te gaan met bepaalde dagelijkse verplichtingen, om behoeften, projecten of een levensideaal te verwezenlijken of om specifieke doelen te bereiken. Anderen ervaren psychotische episoden waarin de band van de patiënt met de werkelijkheid volledig disfunctioneel wordt. Bij sommige personen kan de aandoening heel langdurig zijn, met voorbijgaande problemen met concentratie, aandacht, oriëntatie en soms hallucinaties of waanvoorstellingen.  “Wat belangrijk is om te onthouden over schizofrenie is het begrip fluctuatie. Bij sommige patiënten is er een progressieve verslechtering van de ziekte.”Voor psychotische episodes kan het gaan om een eenmalige episode, waarna stabiliteit in de realiteitsbeleving en een relatief normale organisatie van de dagelijkse activiteiten mogelijk blijft.Is er één schizofrenie of zijn er meerdere vormen?Er zijn verschillende soorten schizofrenie. We praten over deze aandoening in algemene termen om de communicatie tussen zorgverleners en met patiënten eenvoudig en duidelijk te houden. Als we gedetailleerder gaan kijken, zien we dat er een schizofreniespectrum is met verschillende vormen:vormen met één langdurige episode (6 maanden);vormen met 'negatieve' symptomen die de aandacht, de concentratie, de motivatie en het vermogen van de patiënt om 'in actie te schieten' beïnvloeden;vormen met andere 'positieve' symptomen, met waanvoorstellingen en hallucinaties die een impact hebben op het dagelijks leven van de patiënt.Sommige patiënten blijven hun hele leven stabiel. Andere patiënten ervaren voorbijgaande 'negatieve' of 'positieve' episoden van wisselende ernst.Hoe kunnen we herkennen welke vorm van schizofrenie een patiënt heeft?Een precieze diagnose van de vorm van schizofrenie waaraan de patiënt lijdt, vereist een nauwgezette analyse door de arts. Ons enige diagnostische hulpmiddel is een mentaal onderzoek in de vorm van een gesprek. We kunnen nog steeds niets afleiden uit biologische indicatoren of medische beeldvorming. We stellen een hele reeks vragen, aan de patiënt en indien mogelijk aan zijn omgeving, over zijn ontwikkeling, zijn verleden en zijn vermogen om zich al dan niet aan te passen aan zijn omgeving. Ons doel is om genoeg informatie en gegevens te verzamelen die we kunnen interpreteren om een diagnose te stellen.  Image Welke behandeling biedt het H.U.B. aan patiënten met (vermoede) schizofrenie?Voor langdurige schizofrenie is de behandeling voornamelijk gebaseerd op de behoeften van de persoon. Bij een aandoening die zo complex en veelzijdig is als schizofrenie kan de behandeling gaan van een reorganisatie van het dagelijks leven (met functionele ondersteuning, ergotherapie en de mogelijkheid om bijvoorbeeld naar een dagcentrum te gaan) tot cognitieve remediatie om bijvoorbeeld het concentratievermogen te verbeteren.In crisissituaties kunnen mensen met schizofrenie het moeilijk hebben om een onderscheid te maken tussen werkelijkheid en fantasie. De band met de werkelijkheid is soms zo problematisch dat wij, en niet de patiënt, moeten bepalen welke behoeften er moeten worden aangepakt. Dat kan medicatie omvatten om de symptomen te verminderen, psychotherapeutische gesprekken of psycho-educatie. Kortom, een hele reeks behandelingen om een einde te maken aan de crisis en patiënten in staat te stellen om geleidelijk hun verantwoordelijkheden weer in handen te nemen, volledig autonoom, en hun eigen behoeften te bepalen. Image “Patiënten toelaten om keuzes te maken, betekent hen de middelen geven die ze nodig hebben om zich beter te concentreren, helderder na te denken en niet te veel beïnvloed te worden door hun symptomen. In die context is het concept herstel belangrijk. Het betekent niet dat we een vroegere situatie herstellen, maar dat we de persoon de kans geven om levensdoelen te bepalen die hij zelf heeft gekozen.” Aangezien de meeste schizofreniepatiënten gedwongen worden opgenomen, moet er veel voorbereidend werk met hen gebeuren voordat hun behoeften kunnen worden besproken. We moeten eerst een therapeutische alliantie vormen, want in het begin wil de patiënt hier per definitie niet zijn en staat hij nergens voor open. Om die band op te bouwen, moeten we een dialoog en communicatie tot stand brengen zodat we gemeenschappelijke doelstellingen kunnen stellen, hoe beperkt die misschien ook zijn (zoals een lunch of een uitstapje). Die alliantie is nodig opdat de patiënt vervolgens bereid is om samen na te denken over zijn behoeften, doelen en waarden en waarop hij zich wil focussen in het dagelijks leven.  "Het woord 'beperking' moet hier ook aan bod komen, want schizofrenie is een aandoening die zich kan manifesteren bij mensen met een beperking en ook daar moeten we behandelen. Dat wordt overigens ook benadrukt in het Handvest van de Verenigde Naties voor chronische ziekten in de geestelijke gezondheid." Vroege opsporing en interventie: een cruciale uitdaging Image Een eerste psychotische episode (PEP) treedt meestal op tijdens de adolescentie of het vroege volwassen leven. Dit is een cruciale fase waarin een snelle en aangepaste aanpak een groot verschil kan maken. Er zijn modellen voor vroegtijdige interventie ontwikkeld om jongeren en hun naasten intensieve begeleiding te bieden. Het doel is om het risico op de ontwikkeling van langdurige psychiatrische stoornissen, zoals schizofrenie, te verkleinen door in te grijpen bij de eerste tekenen.Een andere benadering richt zich op de vroege opsporing van waarschuwingssignalen. Sommige jongeren vertonen milde symptomen of een verhoogde kwetsbaarheid, vaak gepaard met een verstoring van hun dagelijks functioneren (schoolproblemen, sociaal isolement, enz.). In deze gevallen is secundaire preventie mogelijk: door beschermende en veerkrachtbevorderende factoren te versterken, kan het risico op het ontstaan van een PEP en/of een vastgestelde psychiatrische stoornis worden beperkt.In ons ziekenhuis is het ZELIG-centrum toegewijd aan deze missie. Geïntegreerd binnen de dienst kinder- en jeugdpsychiatrie en in nauwe samenwerking met de volwassenenpsychiatrie, begeleidt het jongeren van 12 tot 21 jaar met gespecialiseerde en gepersonaliseerde zorg. Deze aanpak bevordert de continuïteit van zorg en een vlotte overgang naar de volwassenheid, een cruciale factor voor het verbeteren van de levensloop van jonge patiënten.Welke projecten heeft het ziekenhuis om het begrip en de behandeling van deze aandoening te verbeteren?We willen de subgroepen van het schizofreniespectrum beter definiëren. Daarvoor moeten we door het opsporen van oxidatieve stress bij gediagnosticeerde patiënten bepalen welke patiënten meer overeenkomen met een vorm van chronische en degeneratieve verslechtering. De producten van oxidatieve stress zijn biomarkers van afbraak die we tegenkomen bij heel wat pathologieën zoals diabetes en de ziekte van Alzheimer. Om ze op te sporen willen we een klinische studie uitvoeren bij patiënten met schizofrenie. Op termijn willen we in samenwerking met de dienst kinderpsychiatrie, die al met deze groep werkt, de aanwezigheid van producten van oxidatieve stress evalueren bij jonge risicopatiënten. Schizofrenie verschijnt immers gemiddeld voor de leeftijd van 30 jaar en vereist een specifieke behandeling waarbij met name kinderpsychiaters betrokken zijn. Een vroegtijdige opsporing van die biomarkers zou ons in staat stellen om de patiënten beter te begeleiden en behandelen in het kader van een preventieve aanpak om de progressie naar degeneratieve vormen te vertragen. “Onze visie op geestesziekten is dus in dit geval ontwikkelingsgericht, wat betekent dat ze zich vanaf de geboorte ontwikkelen en zich soms gedurende het hele leven zeer symptomatisch, chronisch of acuut manifesteren. We willen graag meewerken aan de beweging om ernstigere vormen van schizofrenie op te sporen met behulp van die producten van oxidatieve stress.”Samengevat is ons project gericht op een betere categorisering van schizofrenie om te bepalen welke patiënten, op welke leeftijd dan ook, het risico lopen op een ernstige vorm van de aandoening en om zo een geschikte behandeling te bepalen. Prof. Pierre OswaldDirecteur van de dienst Psychiatrie van het H.U.B.Prof. Véronique DelvenneDirecteur van het Universitair Expertisecentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie, ULB  Directeur van de Dienst Psychiatrie voor Baby's, Kinderen, Adolescenten en Jongvolwassenen, H.U.BSimone MarchiniPsychiatrie voor baby's, kinderen, adolescenten en jongvolwassenen, H.U.B Nuttige bronenEen artikel over schizofrenie en psychotische stoornissen HUDERF : https://www.huderf.be/fr/problematiques-de-sante/schizophrenie-et-troubles-psychotiquesBeschrijving van het ZELIG-centrum: Kinder- en Jeugdpsychiatrie - Centrum ZELIG | Hôpital ErasmeNieuws + video over de mentale gezondheid van jongeren: Het ZELIG-centrum: een radar voor de mentale gezondheid van jongeren | Hôpital Erasme
Article
Voeding: een waardevolle troef om CVA's te voorkomen
In het kader van de CVA-dinsdagen georganiseerd door de Neurovasculaire kliniek van het H.U.B. leggen prof. Philippe Van De Borne, directeur van de Kliniek voor cardiovasculaire preventie, en Marie-Eve Velghe, een diëtiste gespecialiseerd in het beheer van cardiovasculaire risicofactoren, uit hoe voeding de cardiovasculaire gezondheid van patiënten voor en na een CVA fundamenteel beïnvloedt. Kunt u ons meer vertellen over de verschillende cardiovasculaire risicofactoren en hoe ze de cardiovasculaire gezondheid en het optreden van een CVA kunnen beïnvloeden?Cardiovasculaire risicofactoren zijn een belangrijk concept, omdat het factoren zijn die de kans op het ontwikkelen van een hartaandoening of het krijgen van een CVA vergroten. Er zijn twee categorieën binnen de cardiovasculaire risicofactoren.De 'niet-beïnvloedbare', zoals:Leeftijd, want hoe ouder men wordt, hoe groter het risico; Geslacht: mannen lopen meer risico dan pre-menopauzale vrouwen. Na de menopauze wijzigt de hormoonsamenstelling en worden vrouwen kwetsbaarder. We zien veel cardiovasculaire accidenten bij vrouwen van 80 jaar; Familiale voorgeschiedenis, waar hart- en vaatziekten en CVA's tot de belangrijkste doodsoorzaken behoren. Statistisch gezien is er altijd wel iemand in de familie die een cardiovasculair of cerebrovasculair accident heeft gehad. Het moet vroeg zijn gebeurd, in de eerste graad (bijvoorbeeld ouders) en voor de leeftijd van 55 jaar voor mannen en 65 jaar voor vrouwen. Een dergelijke voorgeschiedenis verhoogt het risico op een eigen CVA aanzienlijk.De 'beïnvloedbare', waarmee patiënten dankzij een gezonde levensstijl en de juiste opvolging heel wat gezonde levensjaren kunnen winnen. Bij een CVA heeft voeding een reële invloed op de gezondheidstoestand van de patiënt.Hypertensie: Het is de risicofactor nummer 1 voor beroertes. Een te hoge bloeddruk verzwakt de slagaders en kan leiden tot hun scheuring of verstopping. Het verminderen van zout, het eten van meer kalium (vooral door voldoende fruit en groenten te consumeren) en het regelmatig beoefenen van lichaamsbeweging zijn essentiële punten om het beter onder controle te houden. Roken is een andere belangrijke risicofactor voor het ontwikkelen van hart- en vaatziekten (HVD), die vooral worden gekarakteriseerd door hartziekten, ziektes van de hersenarterieën en perifere arteriële aandoeningen. Uit recente studies blijkt dat actieve rooksters 2,5 keer meer kans hebben om te sterven aan hart- en vaatziekten dan vrouwen die nooit gerookt hebben. Dat is een gigantisch verschil! Tabak is een echt vergif en het is voor veel rokers heel moeilijk om te stoppen, maar we moeten hen maximaal sensibiliseren, want stoppen met roken vermindert het cardiovasculaire risico enorm op elke leeftijd. Een teveel aan cholesterol is schadelijk voor de slagaders, omdat het het proces van atherosclerose bevordert. Dit betekent dat cholesterol zich afzet in de vaatwand, waardoor de diameter van de bloedvaten geleidelijk smaller wordt en de bloeddoorstroming wordt belemmerd, vooral naar de hersenen en het hart. Het is essentieel om het niveau van “slechte” cholesterol zo laag mogelijk te houden om een beroerte te voorkomen. Ook diabetes en een verhoogde glucosespiegel kunnen een CVA veroorzaken. Een zittende levensstijl en een gebrek aan lichaamsbeweging zijn ook belangrijke factoren. We raden aan om minstens 30 minuten per dag aan matige lichaamsbeweging te doen. Het is altijd mogelijk om die activiteit in te passen in een druk leven, bijvoorbeeld door iets verder te parkeren dan gewoonlijk of de trap te nemen in plaats van de lift. Er bestaan oplossingen! Overgewicht en obesitas, vooral abdominale obesitas, zijn erg slecht voor het cardiovasculaire systeem. Deze risicofactor kan worden weggewerkt met een evenwichtig dieet en regelmatige lichaamsbeweging. Stress, geestelijke gezondheidsproblemen en luchtvervuiling vergroten ook in mindere mate het cardiovasculaire risico. Voor stressmanagement bestaan er oplossingen. Geestelijke gezondheidsstoornissen dragen op indirectere wijze bij aan de ontwikkeling van cardiovasculaire risicofactoren omdat ze, in combinatie met een ongunstige socio-economische context, kunnen leiden tot een slechte therapietrouw. Luchtvervuiling is toxisch voor de allerkleinste bloedvaten. Probeer bij luchtvervuilingspieken te vermijden om naar buiten te gaan of buiten te sporten, want de deeltjes in de lucht vergroten het cardiovasculaire risico.Waarom speelt voeding een belangrijke rol om een tweede CVA te voorkomen?Voeding speelt een sleutelrol bij het voorkomen van terugkerende beroertes, omdat het direct invloed heeft op de belangrijkste beïnvloedbare cardiovasculaire risicofactoren die eerder zijn genoemd. Een evenwichtige voeding helpt bijvoorbeeld bij het beheersen van hoge bloeddruk – de belangrijkste oorzaak van beroertes – door de zoutinname te beperken en meer kaliumrijke voeding te consumeren.  Evenzo draagt een voldoende inname van vezelrijke voedingsmiddelen, zoals fruit, groenten, peulvruchten, volkoren granen en noten, bij aan een beter cholesterolgehalte en gezondere slagaders. Het verminderen van snelle suikers en vetten, met name verzadigde en industriële transvetten, helpt ook om de bloedlipiden, bloedsuikerspiegel en het lichaamsgewicht beter te reguleren. Dit is essentieel voor het beheersen van twee andere belangrijke risicofactoren: diabetes en overgewicht.  "Een beschermend voedingspatroon aannemen – rijk aan vezels, antioxidanten en onverzadigde vetten (waaronder omega-3), en met een gecontroleerde inname van ongezonde vetten, zout en suikers – betekent dat men op meerdere niveaus tegelijk werkt om de slagaders van het lichaam, inclusief die van de hersenen, te beschermen en het risico op terugkerende beroertes en andere hart- en vaatziekten te verkleinen."Zijn er diëten die in het bijzonder worden aanbevolen om een CVA te voorkomen?  Image Ja, het meest bekende voorbeeld is het mediterrane dieet, gebaseerd op de traditionele eetgewoonten van de inwoners van mediterrane landen zoals Griekenland, Italië en Spanje in de jaren 60. Dit dieet wordt gekenmerkt door een ruime consumptie van fruit, groenten, peulvruchten (zoals linzen, kikkererwten, gedroogde bonen en spliterwten), volkoren granen, extra vierge olijfolie (de belangrijkste vetbron), noten en zaden. Daarnaast omvat het een regelmatige inname van vis en zeevruchten, gevogelte en magere zuivelproducten (zoals kaas en yoghurt). Deze voedingsmiddelen zijn rijk aan vezels, gezonde vetten en antioxidanten, die de bloedvaten beschermen, ontstekingen verminderen en helpen bij het reguleren van de bloeddruk en het cholesterolgehalte. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) beschouwt het mediterrane dieet als een effectieve voedingsstrategie voor de preventie en beheersing van niet-overdraagbare ziekten zoals hart- en vaatziekten, diabetes, bepaalde vormen van kanker en neurodegeneratieve aandoeningen zoals Parkinson en Alzheimer. Bovendien benadrukte de Europese Vereniging voor Cardiologie (ESC) in haar meest recente richtlijnen uit 2021 voor de preventie van hart- en vaatziekten dat “het volgen van een mediterraan dieet kan bijdragen aan een verminderd cardiovasculair risico bij alle individuen, inclusief mensen met een hoog risico op hart- en vaatziekten en patiënten met bestaande cardiovasculaire aandoeningen.”Een ander dieet dat zeer interessant is om hoge bloeddruk en dus het risico op een beroerte tegen te gaan, is het “DASH”-dieet (Dietary Approaches to Stop Hypertension). Dit dieet legt de nadruk op het verminderen van zout, terwijl de inname van kalium, magnesium en calcium wordt verhoogd – mineralen die essentieel zijn om de bloeddruk te verlagen.Beide diëten delen gemeenschappelijke principes: zo min mogelijk (of geen) ultra-bewerkte producten, minder verzadigde vetten en toegevoegde suikers, en een centrale rol voor onbewerkte, voedzame voedingsmiddelen. Ze zijn financieel toegankelijk en eenvoudig in het dagelijks leven toe te passen, waardoor gezonde eetgewoonten op lange termijn een aanzienlijk verschil maken voor de cardiovasculaire gezondheid.Wat zijn de belangrijkste beginselen van een aangepast dieet na een CVA? Met andere woorden, wat zijn de belangrijkste voedingsaanbevelingen die u aan patiënten en/of hun mantelzorgers geeft om hun cardiovasculaire gezondheid te optimaliseren?Na een CVA is het cruciaal om een evenwichtig dieet te volgen om de kans op een recidief veroorzaakt door cardiovasculaire risico's te verlagen. Dit zijn 5 tips die we onze patiënten geven:1. Minder zout etenPatiënten wordt aangeraden om toegevoegde zoutinname te beperken of zelfs volledig te schrappen, bijvoorbeeld door de zoutvaatje van de tafel te verwijderen. In plaats daarvan kunnen ze hun gerechten op smaak brengen met kruiden, specerijen en ongezouten smaakmakers zoals knoflook, gember of citroensap. Daarnaast is het belangrijk om bewust om te gaan met “verborgen zout”, dat maar liefst 80% van onze dagelijkse zoutinname uitmaakt! Dit kan worden beheerst door de consumptie van industriële kant-en-klaarmaaltijden, bewerkte vleeswaren, sterk gezouten kazen en zoute snacks zoals chips, gezouten pinda’s en zoute crackers te vermijden of sterk te beperken.2. Goede vetten bevorderenWe informeren patiënten over de zogenaamde 'zichtbare' vetten en 'verborgen' vetten. Image De 'zichtbare' vetten zijn vetten die je op je boterham smeert, gebruikt bij het koken of als dressing op je salade doet. Voor het koken wordt aangeraden om vetten te gebruiken die rijk zijn aan enkelvoudig onverzadigde vetzuren, omdat deze beter bestand zijn tegen hitte en gezonder zijn. Goede opties zijn olijfolie, arachideolie en hoog-oleïsche zonnebloemolie (“oleïsol”). Voor koud gebruik zijn oliën die rijk zijn aan omega-3-vetzuren de beste keuze, zoals koolzaadolie, camelineolie en walnootolie. Let op! Deze oliën mogen niet worden verhit, omdat omega-3-vetzuren zeer gevoelig zijn voor hitte en schadelijk kunnen worden bij verhitting. Voor op brood is het beter om een plantaardige smeervet te gebruiken die verlaagd is in vetten en verrijkt met omega-3. Een klein beetje zachte boter, dun uitgesmeerd op de boterham, kan eventueel ook. Daarnaast zijn notenpasta’s (zoals pindakaas, amandelpasta of hazelnootpasta) een voedzaam en interessant alternatief!Onze consumptie van omega-3-vetzuren is vaak onvoldoende in verhouding tot onze meestal hoge inname van omega-6-vetzuren. Een gezond voedingspatroon heeft als doel om deze verhouding beter in balans te brengen door de inname van omega-3 te verhogen. Een praktische tip is bijvoorbeeld om koolzaadolie of camelineolie (rijk aan omega-3) te gebruiken voor het maken van vinaigrette of mayonaise, in plaats van zonnebloemolie of maïsolie (die veel omega-6 bevatten).Verborgen vetten zijn, per definitie, de vetten die van nature aanwezig zijn in voedingsmiddelen.Goede vetbronnen zijn onder andere vette vis, waarbij de voorkeur uitgaat naar kleinere vissoorten (om blootstelling aan zware metalen te verminderen), zoals sardines, makreel, haring, forel en wilde zalm. Andere gezonde vetbronnen zijn noten en zaden, gevogelte (zonder vel), konijn en avocado (de enige vrucht die vetten bevat). Vermijd tropische oliën zoals kokosolie, palmolie en kopraolie, omdat deze rijk zijn aan verzadigde vetten met een atherogeen effect (ze verhogen het slechte cholesterol en kunnen de slagaders verstoppen). Het is daarom ook belangrijk om voedingsmiddelen die deze verborgen vetten bevatten zo veel mogelijk te beperken.3. Voldoende vezels en antioxidanten etenVezelrijke voedingsmiddelen helpen bij het reguleren van cholesterol, bloedsuikerspiegel, gewichtsbeheersing en het bestrijden van ontstekingen in de bloedvaten. De belangrijkste bronnen zijn groenten, fruit, peulvruchten, volkorenproducten, noten en zaden. Hier zijn de concrete aanbevelingen voor frequentie en hoeveelheid:Minimaal 300 g groenten per dag (gekookt, rauw, in soep, enz.). Varieer ze en kies bij voorkeur voor seizoensgebonden en lokale groenten. Idealiter moeten ze 50% van het bord uitmaken bij de hoofdmaaltijd. 2 porties vers fruit per dag (1 portie = de grootte van een vuist, ongeveer 125 g). Kies ook voor seizoensgebonden en lokale fruitsoorten. 80 g peulvruchten 2 keer per week in de maaltijden (bijvoorbeeld hummus op brood, falafelballen als hoofdgerecht of linzen in een salade). Minimaal één keer per dag een product op basis van volkoren granen, zoals volkorenbrood, havermout, muesli, bulgur, quinoa, volkorenpasta, zilvervliesrijst, enz.4. Hoogwaardige plantaardige en dierlijke eiwitten etenHet gaat dan bijvoorbeeld om peulvruchten, soja en tofoe, gevogelte (zonder vel), vis, maar ook eieren, zeker als ze verrijkt zijn met omega 3."Lang werd het afgeraden om eieren te eten, omdat de dooier rijk is aan cholesterol, maar studies hebben aangetoond dat het echt niet gaat om het beheersen van cholesterol via voeding, maar om het minimaliseren van de consumptie van verzadigde vetzuren en industriële transvetten, die een veel grotere invloed hebben op het cholesterolgehalte in het bloed. Tegenwoordig staat men patiënten toe om tot 7 eieren per week te consumeren. Wat betreft de eiwitten, is er helemaal geen cholesterol." Onder de dierlijke eiwitten moeten sommige vleessoorten beperkt worden. Dit geldt voor rood vlees (alle vleessoorten, behalve gevogelte en konijn), waarvan het aanbevolen wordt om niet meer dan 300 g per week te consumeren. Wat betreft bewerkt vlees, zoals gehakt en vleeswaren, geldt: hoe minder je ervan consumeert, hoe beter! Deze producten bevatten vaak veel zout, maar ook conserveermiddelen (zoals nitrieten en nitraten), die giftige stoffen zijn voor de gezondheid!5. Zo weinig mogelijk toegevoegde suikers eten.Dit betekent dat de consumptie van gebak, koekjes, zoetigheden, deegwaren moet worden beperkt, evenals het toevoegen van witte suiker, rietsuiker, honing of verschillende siropen (agave, ahorn, Luikse siroop, enz.) in dranken of voedingsmiddelen. Vooral moet de consumptie van frisdranken en vruchtensappen worden vermeden. Al deze voedingsmiddelen, die sterk geconcentreerd zijn in suikers, bevorderen bloedsuikerspiek en de ophoping van vet in de hersenen en het hart. Het is belangrijk te weten dat zelfs vruchtensappen zonder toegevoegde suikers enorm veel suikers bevatten (evenveel als frisdranken).6. Beperk of vermijd de consumptie van alcoholische dranken."Vroeger werd het beschermende effect van rode wijn gepromoot, waarbij aanbevolen werd om 1 tot 2 glazen per dag te drinken voor een goede gezondheid. Vandaag de dag is deze aanbeveling helemaal niet meer geldig. Het is bewezen dat, om hart- en vaatziekten te voorkomen, maar ook andere ziekten zoals kanker, het beter is om weinig of helemaal geen alcohol te consumeren."Wat betreft de preventie van hart- en vaatziekten en de bestrijding van hoge bloeddruk is het ideaal om helemaal geen alcohol te drinken. Als er toch alcohol wordt geconsumeerd, mag de consumptie niet meer dan 10 eenheden per week bedragen, wat gelijkstaat aan 10 kleine glazen wijn (120 ml) of pilsbier (250 ml), verspreid over de week, met 2 dagen zonder alcohol. Image Het beste drankje blijft water. Een goede hydratatie is vitaal, en het wordt aanbevolen om minimaal 1,5 liter per dag te drinken, wat gelijkstaat aan ongeveer 8 glazen water, naast soep, koffie, thee of kruidenthee die gedurende de dag kunnen worden gedronken."Uiteraard moeten al deze adviezen rekening houden met de algehele gezondheidstoestand van de patiënt en ervoor zorgen dat er geen voedingscontra-indicaties zijn die kunnen bijdragen aan verslechtering door een andere aandoening (zoals bijvoorbeeld het gebruik van kaliumzout ter vervanging van keukenzout bij patiënten met nierinsufficiëntie). De vochtinname moet ook aangepast en verminderd worden in bepaalde situaties, vooral bij water- en zoutretentie als gevolg van hartfalen."Bij patiënten die al een of meerdere CVA's hebben gehad, is het de uitdaging om de maaltijden aan te passen aan hun mogelijkheden. Sommige patiënten hebben slikproblemen of ernstige vermoeidheid waardoor ze niet kunnen eten 'zoals vroeger'. Ze moeten elke dag smakelijke gerechten aangeboden krijgen, met aangepaste texturen en porties, zodat ze van hun eten kunnen blijven genieten zonder risico's te nemen. We letten er ook op dat het dieet rekening houdt met de organisatie thuis, met de cultuur en met de religie. We moedigen familie, mantelzorgers en de omgeving in het algemeen aan om mee te helpen bij het bereiden van de maaltijden. Zo wordt het koken leuk en wordt het leven van de patiënt, die duurzame goede eetgewoonten moet ontwikkelen, wat makkelijker.Welke medische behandelingen zijn er momenteel beschikbaar in het Erasme Ziekenhuis – H.U.B. om de cardiovasculaire risicofactoren onder controle te houden bij patiënten die een of meerdere CVA's hebben gehad?Acute gevallen krijgen hypergespecialiseerde zorg in de Neurovasculaire kliniek (ook 'Stroke Unit' genoemd)."Bij een CVA telt elke minuut, zowel voor de hersenen als voor het hart. Daarom is het team 24 uur per dag beschikbaar."De aangeboden zorg omvat monitoring en beheer van hypertensie en stofwisselingsstoornissen. Er kunnen antistollingsbehandelingen worden toegediend. Het team beschikt ook over de geavanceerde expertise en feilloze organisatie die nodig zijn om chirurgisch in te grijpen en de verstopte slagaders die het CVA veroorzaken vrij te maken.Het Academisch Ziekenhuis Brussel is een academisch ziekenhuis dat een geïntegreerde, multidisciplinaire zorg biedt. De Kliniek voor cardiovasculaire preventie biedt preventieve begeleiding voor hart- en vaatziekten, evaluaties van cardiovasculaire risicofactoren, een voedingsevaluatie, voorlichtingsprogramma's, preventieworkshops en een revalidatieafdeling. Ook roken wordt behandeld omdat het, zoals eerder vermeld, een van de belangrijkste cardiovasculaire risicofactoren is – of zelfs de allerbelangrijkste."Onze zorgbenadering is gericht op de patiënt en zijn behoeften en omvat waar mogelijk een systemische aanpak waarbij de familie wordt betrokken om de patiënt te helpen bepaalde gewoonten aan te nemen (en vol te houden), wat zonder steun moeilijk kan zijn."De medische en paramedische opvolging wordt georganiseerd om:Te zorgen dat patiënten hun CVA overleven met zo weinig mogelijk gevolgen;Samen hart- en vaatziekten te voorkomen, vooral bij schade aan de hersen- of kransslagaders.Er bestaan tegenwoordig heel wat doeltreffende therapeutische oplossingen die de levensverwachting kunnen verhogen en vooral het aantal cardiovasculaire accidenten kunnen verminderen ondanks de vergrijzing van de bevolking."In België had in 1986 33% van de sterfgevallen een cardiovasculaire oorzaak. Nu is dat nog maar 22%. Dat is een bemoedigende ontwikkeling en we zien dat de preventie van en strijd tegen CVA's en hart- en vaatziekten in de juiste richting blijft evolueren." Prof. Philippe VAN DE BORNEDirecteur van de Kliniek voor cardiovasculaire preventieErasme Ziekenhuis H.U.B.Marie-Eve VELGHEDiëtiste erkend door de FOD Volksgezondheid Diensten Cardiologie en HartrevalidatieErasme Ziekenhuis H.U.B.
Article
Endometriose en onvruchtbaarheid: het hoeft niet onvermijdelijk te zijn!
Maart is de maand van de endometriosesensibilisering. Het Academisch Ziekenhuis Brussel grijpt deze gelegenheid aan om in te gaan op het vraagstuk van vruchtbaarheid bij patiënten met die ziekte. Ontdek het interview met prof. Maxime Fastrez, directeur van de Endometriosekliniek van het H.U.B., en dr. Catherine Houba, directrice van de Vruchtbaarheidskliniek van het H.U.B. Wat is endometriose?Endometriose is een aandoening die gedefinieerd wordt door de groei van baarmoederslijmvliesachtig weefsel buiten de baarmoederholte. Ze kan volledig asymptomatisch zijn. Wanneer de aandoening zich openbaart, veroorzaakt ze met name bekkenpijn, soms vooral tijdens de menstruatie. Bij sommige patiënten kan endometriose de vruchtbaarheid verminderen. Naar schatting is 30-50% van de vrouwen met endometriose subfertiel.  Image Hoe kan deze ziekte onvruchtbaarheid veroorzaken?Er zijn verschillende redenen waarom endometriose een vrouw subfertiel kan maken.Eerst en vooral is het een sterk inflammatoire aandoening die verklevingen veroorzaakt in de bekkenholte, tussen de inwendige geslachtsorganen. Die verklevingen leiden tot afwijkingen in het transport en het ontmoeten van de geslachtscellen en vervolgens in het transport van de embryo's. De tweede reden heeft te maken met het feit dat de ontsteking die wordt veroorzaakt door de endometriose de bekkenomgeving waarin de geslachtscellen en embryo's zich bevinden toxisch maakt. Die toxiciteit heeft een impact op hun kwaliteit en aantal, zelfs als er geen mechanisch probleem is.  De derde reden is een moeilijke innesteling van het embryo door een disfunctioneel baarmoederslijmvlies. Tot slot zien we dat patiënten met endometriose op dezelfde leeftijd een lagere eicelvoorraad hebben dan patiënten zonder de ziekte.Eerst en vooral is het belangrijk om de vruchtbaarheid te bepalen. Dat is de tijd die nodig is om zwanger te worden.Bij endometriosepatiënten duurt het soms langer, zijn er meer cycli nodig, om zwanger te worden. Als men na een jaar proberen nog steeds niet zwanger is, moet er aan subfertiliteit worden gedacht. Een andere factor die de vruchtbaarheid van patiënten met endometriose beïnvloedt, is de pijn die ze kunnen ervaren bij penetratie. Als de patiënte pijn heeft, zal het koppel minder vaak volledige geslachtsgemeenschap hebben. Dat verkleint ook de kans dat de geslachtsgemeenschap op het juiste moment plaatsvindt, namelijk tijdens de ovulatie. Image Welke preventieve maatregelen kunnen worden genomen om endometriosepatiënten met een kinderwens te begeleiden?Wanneer de diagnose endometriose is bevestigd, kan aan de patiënten een geneesmiddelenbehandeling worden voorgesteld om te voorkomen dat de ziekte zich ontwikkelt en de eierstokken en baarmoeder 'beschadigt'. Patiënten met een kinderwens die weten dat ze endometriose hebben, kunnen best zo vroeg mogelijk aan kinderen beginnenLeeftijd is een belangrijke risicofactor voor subfertiliteit, dus hoe vroeger een patiënte probeert zwanger te worden, hoe groter haar kansen. Voor patiënten die kinderen willen maar nog willen of moeten wachten, is het natuurlijk mogelijk om hun vruchtbaarheid te behouden door eicellen in te vriezen voor ze 38 zijn.Het is heel belangrijk dat patiënten goed geïnformeerd worden over subfertiliteit, over de redenen waarom endometriose sommige patiënten subfertiel kan maken en ook over de behandelingsmogelijkheden die er zijn. Tegenwoordig is de behandeling van patiënten met endometriose hypergepersonaliseerd in functie van hun situatie en behoeften  Image Welke behandelingsmogelijkheden zijn er bij het H.U.B. voor patiënten met endometriose en onvruchtbaarheidsproblemen? Soms kan een operatie worden voorgesteld om de vruchtbaarheid te verbeteren. Door alle endometrioseletsels weg te halen, kan de spontane vruchtbaarheid worden hersteld. Voor patiënten die zich laten opereren, wordt voor en na de ingreep een multidisciplinair overleg gehouden om een plan op te stellen waarbij de patiënte meestal eerst 6 maanden probeert spontaan zwanger te worden, indien nodig gevolgd door MBV-behandelingen. Natuurlijk wordt de behandeling in elke fase van het zorgtraject besproken en aangepast in functie van de situatie van de patiënte. Als een operatie niet geïndiceerd is, wordt voor ernstige endometriose meteen in-vitrofertilisatie (IVF) voorgesteld.In het algemeen wordt aangeraden om niet langer dan een jaar spontane conceptie na te streven. De endometrioseletsels kunnen namelijk verergeren omdat elke spontane cyclus ze voedt. Een jaar is een goed compromis tussen op natuurlijke wijze zwanger proberen te worden en de endometriose niet de overhand te laten nemen. Image Welke boodschap willen jullie meegeven aan de patiënten? De huisartsen? De gynaecologen?Als een patiënte weet dat ze endometriose heeft en een kinderwens heeft, is het aan te raden dat ze zo snel mogelijk probeert zwanger te worden en een specialist raadpleegt als ze na zes maanden proberen niet zwanger is, ook al zal ze het dan nog enkele maanden op natuurlijke wijze moeten proberen voordat ze met een behandeling begint! We zien helaas dat patiënten tot twee jaar wachten voordat ze een arts raadplegen, terwijl ondertussen hun endometriose is blijven groeien.Patiënten jonger dan 40 jaar behalen in het algemeen goede resultaten met IVF. Na de leeftijd van 40 jaar daalt hun kans op een zwangerschap nog sterker omdat hun eicelvoorraad is aangetast door de endometriose en de chirurgische behandelingen. We moeten gynaecologen ook duidelijk maken dat ze moeten proberen te vermijden om patiënten die nog geen kind hebben gekregen te opereren.De eerste stap moet zijn om de patiënte gerust te stellenHet is niet omdat een vrouw endometriose heeft, dat ze per se vruchtbaarheidsproblemen zal hebben. We moeten de patiënten en koppels niet te bang maken! Wel moeten we hen duidelijk maken hoe belangrijk het is om geen jaren te wachten om een specialist te raadplegen als het niet lukt om spontaan zwanger te worden. De tijd is helaas hun vijand. Zwangerschap (en borstvoeding voor de vrouwen die daarvoor kiezen) blijft trouwens de beste behandeling voor endometriose, want een zwangerschap is een lange periode zonder menstruatie en dus zonder stimulatie van de ziekte!Het is ook heel belangrijk om te onthouden dat er niet één endometriose is, maar een heel endometriosespectrum, en dat er niet noodzakelijk een verband is tussen de intensiteit van de symptomen van de ziekte en onvruchtbaarheid. Endometriose is een zeer heterogene ziekte. De meerderheid van de patiënten zal geen problemen hebben om zwanger te worden, want de vruchtbaarheid van de patiënte hangt ook af van die van haar partner. Bovendien zijn levensstijl, roken en overgewicht even belangrijke risicofactoren voor subfertiliteit als endometrioseEndometriosepatiënten die moeilijk zwanger worden, zien zichzelf vaak als HET probleem, ook al is deze ziekte slechts een van de vele factoren die de vruchtbaarheid van een koppel kunnen beïnvloeden. Soms wordt bij MBV ontdekt dat het subfertiliteitsprobleem bij de partner zit, en niet bij de patiënte. Nuttige bronnen en links over endometriose en vruchtbaarheid [FICHE] Symptomen en behandeling van endometriose [Website] Toi Mon Endo, De Belgische vereniging, expert in endometriose [WEBSITE] Informatiewebsite over vruchtbaarheid en educatieve hulpmiddelen voor… Prof. Maxime FastrezDirecteur van de EndometriosekliniekDr. Catherine HoubaDirectrice van de Vruchtbaarheidskliniek
Article
Een referentiecentrum in Erasme (H.U.B) voor eetstoornissen bij jongeren
De dienst kinder- en jeugdpsychiatrie van het H.U.B, actief op zowel de sites van het Erasme Ziekenhuis als het Kinderziekenhuis (HUDERF), is door het RIZIV erkend als Supraregionaal Referentiecentrum voor Eetstoornissen (ES) bij jongeren van 0 tot 23 jaar Eetstoornissen bij jongeren: een multidisciplinaire aanpak Dit innovatieve centrum biedt een gespecialiseerde, gecoördineerde en multidisciplinaire behandeling voor jongeren met anorexia, boulimia of eetbuistoornis, met daarnaast ook een intensieve begeleiding van hun gezin.In dit interview ontdekt u de specifieke kenmerken van dit nieuwe centrum, de voordelen voor patiënten en gezinnen, en de ambities van de teams van het H.U.B (Erasme en HUDERF). Ons centrum behandelt alle leeftijdsgroepen, van baby’s tot jongvolwassenen (tot 23 jaar), met een multidisciplinaire aanpak die aangepast is aan elke situatie.  Dr Judith DEREAU kinderpsychiater, medisch verantwoordelijke van het ambulante ES-centrum (H.U.B) 1. Wat maakt het TCA-centrum dat u leidt uniek in de aanpak van eetstoornissen bij jongeren?Ons centrum is uniek doordat we alle leeftijdsgroepen behandelen – van baby’s tot de overgangsleeftijd van 23 jaar – en dit met een uitgebreide ervaring, zowel op het vlak van somatische zorg voor ernstige gevallen als psychiatrische begeleiding.Wij bieden zorg op maat: gespecialiseerde multidisciplinaire consultaties (met diverse benaderingen, waaronder Family-Based Therapy (FBT) en Multi-Family Therapy (MFT)), intensieve ambulante zorg, daghospitalisaties voor jongere kinderen, en volledige hospitalisaties… Dit geldt ook voor atypische vormen zoals ARFID (Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder), een selectieve eetstoornis zonder bezorgdheid over gewicht of lichaamsbeeld.2. Wat is de meerwaarde van het zorgtraject voor eetstoornissen dat het RIZIV heeft opgezet voor patiënten en hun gezinnen?De invoering van het “zorgtraject ES” een jaar geleden heeft gezorgd voor een duidelijker, beter gecoördineerde en ondersteunde aanpak voor patiënten en hun families.Het heeft de toegang tot zorg verbeterd en het belang van netwerkwerking versterkt. Naast de regionale ondersteuning en de uitbreiding van het zorgaanbod (eerste- en tweedelijns mobiele teams en deeltijdse behandelprogramma’s), voorziet het RIZIV nu ook in supraregionale referentiecentra. Die zullen niet alleen ten dienste staan van patiënten en hun gezinnen, maar ook van zorgverleners uit de eerste en tweede lijn die geconfronteerd worden met complexe trajecten.3. Wat betekent de erkenning als supraregionaal referentiecentrum concreet voor uw team?Het is een waardevolle erkenning van onze expertise. Het helpt de verschillende zorgniveaus duidelijk te omschrijven, ons werk zichtbaarder te maken en ons aanbod verder uit te bouwen.Dankzij deze erkenning kunnen we het team versterken met nieuwe collega’s en zo nog beter inspelen op de noden van jongeren, hun gezinnen en de zorgprofessionals die met hen werken.4. Wat zijn de volgende stappen of ambities voor dit centrum in de komende jaren?We willen actief bijdragen aan een betere netwerkzorg, interdisciplinaire afstemming en opleiding van professionals die werken rond eetstoornissen.Daarnaast willen we collega’s ondersteunen buiten Brussel, het zorgaanbod uitbreiden en onder meer ervaringsdeskundigen (peer support) integreren in onze zorgstructuren.H.U.B-info : Supraregionaal Referentiecentrum voor Eetstoornissen bij JongerenKinder- en jeugdpsychiatrie  Liens: Convention INAMIBruxelles https://tca-bru.be/BWhttp://www.archipelbw.be/initiatives/trajet-de-soins-tca-et-equipe-emas/Luxembourghttps://matilda-lux.be/trajet-de-soins-tca-troubles-des-conduites-alimentaires/Liègehttps://realism0-18.be/trajet-tca/Hainauthttps://www.rheseau.be/___-emas/
Article
Giant Lungs: de speelse expo over de longen
Naar aanleiding van de maand van de bewustmaking rond longkanker nodigt het H.U.B je uit om Giant Lungs te bezoeken, een unieke tentoonstelling om het functioneren van de longen en de factoren die hen kunnen verzwakken te begrijpen. Alles weten over de longen en de ademhalingsgezondheid Naar aanleiding van de maand van de bewustmaking rond longkanker nodigt het H.U.B je uit om Giant Lungs te bezoeken, een unieke tentoonstelling om het functioneren van de longen en de factoren die hen kunnen verzwakken te begrijpen.Ontdek reusachtige longen, een opblaasbare structuur met een interactief educatief parcours dat je uitlegt hoe de longen werken, welke rol ze spelen en wat de impact is van vervuiling, tabak en andere factoren op je ademhalingsgezondheid.Giant Lungs biedt ook de gelegenheid om uw kennis te testen met interactieve quizzen, uw longfunctie spelenderwijs te evalueren en in gesprek te gaan met specialisten in de pneumologie en medische oncologie.Wanneer? Van 10 tot 14 november 2025, van 9u00 tot 17u00Waar? In de centrale hal van het Jules Bordet Instituut (gelijkvloers).Deze tentoonstelling is gratis en toegankelijk voor iedereen. Image Met de steun van
Article
Manifest : Voeding is geen overbodige zorg, maar een fundamentele zorg!
« Een ziekenhuis of een rusthuis dat voeding verwaarloost, vergeet dat zorgverlening ook voeding betreft, gepersonaliseerd volgens situatie en persoon »Het team en de partners van Be ONCA Ontdek de manifest Manifest
Article
Grote prematuren: een referentiecentrum voor neurodevelopmentale opvolging in Erasme
Het Opvolgcentrum voor grote prematuren van het Academisch Ziekenhuis Brussel is in België erkend als referentiecentrum voor neurodevelopmentale opvolging. In België worden elk jaar ongeveer 1.500 baby’s geboren vóór 32 weken zwangerschap of met een geboortegewicht van minder dan 1.500 gram. Deze kinderen noemen we grote prematuren.Vanaf hun eerste levensuren worden ze opgevangen in de neonatologie-afdelingen van het Erasme Ziekenhuis en het Kinderziekenhuis (UKZKF) van het H.U.B – Academisch Ziekenhuis Brussel.De medische en paramedische teams begeleiden deze kinderen vanaf de couveuse tot de leeftijd van 5 jaar, zodat ze alle kansen krijgen om zich optimaal te ontwikkelen.Een omgeving op maat van de allereerste levensmomentenWanneer een baby te vroeg wordt geboren, telt elke handeling.In de neonatologie richten de zorgteams zich op het ondersteunen van de nog onrijpe organen: ademhaling, spijsvertering, temperatuurregeling.Neonatologen, verpleegkundigen, kinesitherapeuten, psychologen en logopedisten werken nauw samen om deze kwetsbare baby’s een stabiele, rustgevende en veilige omgeving te bieden.De ouders — die vaak schommelen tussen vreugde, vermoeidheid en bezorgdheid — worden bij elke stap betrokken: huid-op-huidcontact, deelname aan de zorg, en regelmatige gesprekken met het team.Want een grote premature begeleiden, betekent ook zijn ouders begeleiden.Na de neonatologie: een noodzakelijke zorgcontinuïteitHet thuiskomen is een intens moment — mooi, maar soms ook overweldigend."Veel ouders vragen zich af: En nu, hoe zal mijn kind evolueren ?", vertelt dr. Florence Christiaens, neuropediater binnen de dienst kinderneurologie van het H.U.B.Om deze gezinnen te ondersteunen werd het Opvolgcentrum voor grote prematuren opgericht, door het RIZIV erkend als referentiecentrum voor neurodevelopmentale opvolging.Dit volledig terugbetaalde programma laat toe om heel vroeg eventuele motorische, taal- of cognitieve kwetsbaarheden op te sporen.Indien nodig kan meteen een gerichte ondersteuning worden aangeboden: kinesitherapie, logopedie, psychomotoriek, ouderbegeleiding.Wetenschappelijke gegevens tonen duidelijk aan dat vroegtijdige opvolging de ontwikkelingskansen van te vroeg geboren kinderen aanzienlijk verbetert.Een gestructureerd traject van zuigeling tot kleuterKinderen die geboren worden vóór 31 weken of minder dan 1.500 gram wegen, krijgen vier multidisciplinaire evaluaties tussen de leeftijd van 3 maanden en 5 jaar (gecorrigeerde leeftijd).Bij elke consultatie beoordeelt het gespecialiseerde team de motoriek, taal, cognitie, het zicht en het gehoor.Kinderen die tussen 31 en 32 weken geboren worden, krijgen twee evaluaties.Deze consultaties zijn veel meer dan medische tests: het zijn ook momenten van gesprek, ondersteuning en geruststelling.Ouders kunnen er hun vragen stellen, hun zorgen uiten en een luisterend oor vinden tijdens een traject dat vaak met veel emoties gepaard gaat. Meer infoGrote prematuren – neuro-ontwikkelingsopvolging | Erasme ZiekenhuisNeonatologie Anderlecht – Erasme Ziekenhuis (H.U.B)Neonatologie Laken – Kinderziekenhuis (HUDERF)